woensdag 16 maart 2011

t Schooljaar is weer begonnen

“Voor wat hoort wat”
Leerlingen van La Quinua, hun ouders en voorganger

De laatste twee maanden zijn we intensief bezig geweest met twee programma’s, die vooral economisch belangrijk voor de ontwikkeling van de mensen zijn: basis schoolpakket en schoolbeurzen. We hebben, al-doende geleerd om voorwaarden te stellen aan toelagen, beurzen, donaties, enz. Het werkt ongewenst gedrag in de hand als men zonder moeite gunsten, voordelen, enz. cadeau krijgt. Samen met de lokale voorgangers van de beide centrale gemeentes en de presbyters, bepalen we het beleid en de voorwaarden die gesteld worden. Zo zijn de verschillende programma’s gekoppeld aan de interesse van de leiders om de conferenties bij te wonen. Doordat de programma’s direct ten gunste komen van de gemeenteleden, worden zij gestimuleerd om hun leiders naar de conferentie te laten gaan en hen daarin te ondersteunen.

Schoolpakketten en beurzen

In Peru moeten de ouders alle schoolmaterialen zelf kopen. De overheid stelt boeken ter beschikking, maar die komen meestal niet op verafgelegen plekken. Daarom was het een schot in de roos toen we het idee kregen om met een basis schoolpakket de mensen te ondersteunen en te motiveren om hun kinderen de hele lagere school te doorlopen. In verschillende dorpen komen er nu ook middelbare scholen. Dat is een goed teken van ontwikkeling. In 2004 zijn we begonnen met 3 middelbare scholieren te ondersteunen met een beurs. Deze beurs is gekoppeld aan hun schoolprestatie. Ze moeten een 14 gemiddeld (vergelijkbaar met een 7 in NL) hebben, om in aanmerking te komen voor een beurs. Hun ouders moeten ook meelevende christenen zijn in de plaatselijke kerk. De overgang van de lagere school naar de middelbare school is vaak niet moeilijk, maar bij de overgang naar de tweede klas waren er altijd veel, die bij lange na geen 14 haalden. Verder begonnen velen enthousiast, maar haakten onderweg af. Het komt vaak voor dat de eerste klas begint met 36 kinderen en eindigt met 6 jongelui in de laatste klas.

Intake-gesprek achter ons huis
 Dit jaar waren er 13 jongelui die een beurs ontvingen voor de tweede klas of hoger. 20 Jongelui gaan voor het eerst naar de middelbare school, waaronder de meeste meisjes. Dat is heel bijzonder voor het binnenland, want meestal wordt er geen belang aan opleiding voor meisjes gehecht. Ze trouwen immers en wijden zich aan het huishouden? In de dorpen is weinig afleiding. Er is soms een sportveld, waar de jongens kunnen voetballen en dat is het zo’n beetje. De meeste stelletjes worden gevormd als ze 14-16 jaar zijn. Met het organiseren van de jeugdweekends en de training van jeugdleiders proberen we een ruimere interesse te creëren en een gezonde omgeving waar jongeren elkaar kunnen leren kennen en waar ze leren communiceren. Daar werken Judith en Wilfredo voornamelijk aan. En het is hartverwarmend om te zien, dat ze meer en meer het vertrouwen van de jonge mensen winnen.

Sponsors gezocht

We begonnen dus alweer 7 jaar geleden met een speciaal fonds voor de beurzen. Door speciale giften voor dit doel, konden we tot nu toe elk jaar uitkomen, hoewel het aantal leerlingen groeide. Dit jaar groeide het echter zoveel en daalden tegelijkertijd de beurzen, dat we momenteel €140,- per maand tekort komen om alle leerlingen van een beurs te voorzien. Het zou fijn zijn als we dit bedrag per maand met specifieke vermelding “schoolkinderen” zouden kunnen binnenkrijgen. Onderwijs is een speerpunt in ontwikkeling en het is ons verlangen, dat de mensen in het binnenland de mogelijkheid krijgen om zich te ontwikkelen in elk opzicht, geestelijk en intellectueel. Dat is wat toekomst geeft en uiteindelijk mogelijkheden tot onafhankelijkheid van buitenlandse fondsen.
Leerlingen van Malat en Jelic, moeten uren lopen en
daarna met de melkwagen naar Cajamarca

Peru is momenteel een land wat van de lijst van landen is geschrapt, die in aanmerking komen voor ontwikkelingshulp. We zijn erg blij met de economische groei, maar veel van die groei blijft steken in de grote steden aan de kust. In het binnenland, waar wij werken, komt veel armoede voor, zelfs in zeer extreme vormen. 80% van de kinderen lijdt aan een chronische ondervoeding, vanwege een eenzijdig voedingspatroon. Onze droom is dat de huidige leerlingen van de middelbare scholen in het binnenland, hierna beroepen zullen kiezen waar ze hun dorpsgemeenschap mee kunnen dienen, zodat ontwikkeling niet alleen beperkt blijft tot de steden, maar ook doordringt tot de dorpen, en daardoor problemen als analfabetisme, ondervoeding, slechte gezondheidszorg, tienerhuwelijken, enz. steeds minder worden.

Onze “scholen” voor de leiders beginnen weer

Nu de regentijd weer bijna voorbij is, zullen onze reizen naar het binnenland weer beginnen. Begin april hebben we de eerste conferentie voor de leiders van de kerken en we zijn al weer druk bezig met de voorbereidingen van het programma en de invulling daarvan. Veel mensen moeten minstens een dag reizen om bij de eerste vergadering aanwezig te kunnen zijn en op hun eigen voorstel, houden we dit jaar de eerste conferentie meteen aansluitend op de vergadering. Het is een verandering van tactiek en we hopen dat er dan weer meer mensen zijn die zich inschrijven. Training van leiders is ongelooflijk belangrijk. Het lijkt wel of satan zich hoe langer hoe meer toespitst op het onderuit halen van leiders. Weerbaar zijn als leider zal dan ook een speerpunt zijn in deze conferentie. Een gewaarschuwd mens telt immers voor twee.

Ik (Ger) ben daarom bezig met studies voor te bereiden vanuit de brieven aan de 7 gemeenten die in de hoofdstukken 2 en 3 van het boek Openbaring staan opgeschreven. Vaak worden deze brieven behandeld in één van de vele kaders van een bepaalde toekomstvisie, maar waar het eigenlijk om gaat, is het vormen van gemeenten, die door de vrucht van de Geest, de Heer van de Gemeente weerspiegelen. Tot slot wil ik nog graag, dat jullie blijven bidden voor m´n lichamelijke conditie, want ondanks de dagelijkse “zelfkastijding” gaat die er helaas, als gevolg van het ongeluk jaren geleden, niet op vooruit.

Heel hartelijk dank, voor jullie warm medeleven.

maandag 14 februari 2011

Werken met de jonge generatie

In deze regentijd gaan we niet naar het binnenland, want de wegen zijn niet veilig, maar de mensen komen wel hierheen. De grote wegen zijn wel begaanbaar, dus kunnen ze met de bus van Celendín naar Cajamarca komen. Maar voordat ze die bus kunnen nemen, moeten ze vaak uren lopen over modderwegen of reizen boven op een melkwagen.
Roberto, onze beste kinderwerker uit Jelic,
moet uren lopen en dan op de
melkbussen naar Cajamarca
 
Kinderwerk

Twee weken geleden was er een cursus voor kinderwerkers in Cajamarca. Het was door Centro Bíblico georganiseerd, de kerk waar we bij zijn aangesloten, en we hadden de informatie doorgegeven aan onze kinderwerkers van het binnenland. Er kwamen 5 kinderwerkers uit 3 verschillende plaatsen. We zijn hier heel erg blij mee, want ze moesten zelf een eigen bijdrage leveren en dat is vaak een probleem. In het binnenland gaat er niet veel geld om. Er is twee maal per jaar een oogst en dan heeft men geld, verder wordt er veel geruild en koopt men zaken op de pof. Ze hebben zichtbaar genoten en zijn met nieuwe ideeën naar huis gegaan.


Rehabilitatieprogramma voor kinderen met een handicap


In de vorige Lichtglans heb ik iets geschreven over het nieuwe beleid bij het Lilianefonds, waar we sinds 2004 ook mee samenwerken. We zijn intussen in Lima geweest voor de “bijscholing”.

In Nederland krijgt het Lilianefonds geen geld meer van de regering en moeten ze alles doen met donaties, dat betekent 15% minder inkomsten voor hen en dus ook voor ons. Verder ligt de nadruk van de hulp aan gehandicapte kinderen voor het Lilianefonds in Afrika. Peru wordt niet meer beschouwd als een arm land, maar een land in ontwikkeling en dus valt het in veel internationale hulpprogramma´s buiten de boot.

Op zich is het natuurlijk mooi dat Peru macro-economisch in de lift zit, maar de economische groei van Peru is vooral te danken aan de export van grote bedrijven in de grote steden, voornamelijk aan de kust. De mensen in het binnenland, en helemaal de boeren in de dorpen merken er weinig van, dus ook niet de families waar een gezondheidsprobleem is. Ze leven in de hoogvlaktes nog altijd op hetzelfde niveau als 15 of 25 jaar geleden. We proberen de eindjes aan elkaar te knopen en toch zoveel mogelijk te helpen als we een kind met problemen tegenkomen. Dat is ook als ze (nog) niet bij de plaatselijke kerk horen, zoals Lisbeth.
Rehabilitatiearts Rubi Mostacero
Vorige week kon ik Lisbeth met haar vader naar Lima sturen, gezien we veel medische specialisten en centra niet in Cajamarca hebben. Zij heeft een “horrelvoet”, d.w.z. haar voet zit gedraaid aan haar been. Als een kind als baby met zo’n voet wordt geboren, kan met een geschikte behandeling zo’n voet nog rechtgroeien en komt het helemaal goed. In dit geval is dat bij Lisbeth niet gebeurd, nu is ze 10 en kan niet goed lopen. Haar voet is helemaal krom gegroeid. In Lima is ze opgenomen in een kliniek, die zich gespecialiseerd heeft in orthopedische operaties bij kinderen. Eerst wordt geprobeerd om de ba
nden en spieren van de voet wat op te rekken met gipsverbanden en daarna zal Lisbeth geopereerd worden. Al die tijd is haar vader bij haar en kan dus niet op het land werken. Gelukkig zijn ze, in dit geval, niet de armsten en is haar familie bereid in de behandeling bij te dragen, want vanaf 2011 gaat alles bij het Lilianefonds veranderen en dus worden veel onkosten niet meer gedekt.

Er is ook nog een ander meisje, Patricia, met een heupluxatie. Zij is al 12 jaar en heeft erg veel pijn. Er is al veel scheefgegroeid en dus is een operatie heel noodzakelijk. Deze familie is ook minder arm, maar kennelijk zien ze enorm op tegen hun eigen bijdrage: tijd, moeite en reiskosten, want nadat ze hier waren geweest en we afspraken hadden gemaakt voor hun reis, kwamen ze niet meer terug, terwijl ze een behoorlijk bedrag van het Lilianefonds krijgen voor de operatie in Lima. In het binnenland is er vaak ook een mentaliteit van: is dit een goede investering of niet? Een kind met een handicap wordt meestal niet bij de dagelijkse zaken betrokken en wordt vaak niet in acht genomen. Het is heel verdrietig als het niet lukt om de ouders van de noodzaak van behandeling van een kind te overtuigen, want het kind wordt de dupe en die zou je zo graag willen helpen. Dit is elke keer weer een punt van gebed. We werken met families, niet alleen met de kinderen en als de familie het af laat weten, kunnen we niet verder komen.

Verder zijn we in deze tijd meer actief in onze kerk in Cajamarca met spreekbeurten en gesprekken, begeleiding van vooral jonge mensen. Ger wordt vaak gevraagd voor spreekbeurten en onderwijs aan de (kern)leiders van deze kerk.

Basis- en middelbare school

Volgende week gaan we weer de basispakketten samenstellen voor de lagere school kinderen van onze kerkjes in de campo. Het is elk jaar weer een enorm werk, maar de mensen zijn er erg blij mee. Het helpt hen om hun kinderen de hele lagere school af te laten maken. Voorheen werden kinderen vaak na de derde klas van school gehaald, ze konden dan enigszins lezen en rekenen en als er een vierde kind op school moest, waren de kosten te hoog. Nu worden de gezinnen kleiner door voorlichting in gezinsplanning en wordt er ook meer belang gehecht aan scholing, vooral door ouders die zelf minder kansen hebben gehad.
Het lijkt er ook op dat we dit jaar meer kinderen een beurs kunnen geven voor de middelbare school: meer kinderen maken de basisschool af en gaan dus naar de middelbare school. Vooral voor het tweede jaar zijn er meer kandidaten en daar zijn we heel blij mee, want ze moeten gemiddeld een 14 (in NL. 7) halen om in aanmerking te komen voor die beurs. De overgang van de lagere school naar de middelbare school was dat vaak geen probleem, maar voor de tweede klas vielen er tot nu toe velen af. Dit jaar is het voor het eerst dat er veel jongeren zijn die vorig jaar voor het eerst een beurs kregen en nu zodanig hun best hebben gedaan, dat ze voor het tweede jaar de beurs verdienen.

maandag 20 december 2010

Gezegende Feestdagen

Lieve, meelevende en meehelpende VRIENDEN!!

Froukje en ik zijn eergisteren terug gekomen van een bezoek aan onze dochter met haar gezin in Santa Cruz in Bolivia. Toen ik zo uit het vliegtuigraampje naar beneden keek, dacht ik eraan, dat er nog zo ontzettend veel dorpen in Zuid-Amerika zijn, die nog bereikt moeten worden met het Evangelie. Dat lijkt voor heel veel mensen in Europa een vreemd, omdat Zuid-Amerika toch “sinds Columbus met het Christendom werd bereikt...” Helaas is dat “christendom” een mengsel van heidense gebruiken, waar christelijke namen aan gegeven werden. En hoewel het Bijbelse geloof hier sterk groeit, moet er nog ontzettend veel gedaan worden. En voordat “het woord weer vlees geworden is”, zullen er weer diverse kerstvieringen gepasseerd zijn...

Omdat we nog enkele vlieguren voor de boeg hadden, gingen m´n gedachten onwillekeurig terug naar de dagen dat we dit jaar bij de mensen zelf in de dorpen konden zijn: de huwelijksconferenties, de Bijbelstudies met de voorgangers (dit jaar voor het eerst in Cajamarca-stad!) en niet te vergeten de lessen die Judith en Wilfredo gaven aan de jeugdleiders: de toekomstige leiders van de dorpen. En dat alles zou nooit mogelijk geweest zijn, als we jullie niet hadden. En dan denk ik niet alleen aan de gezamenlijke gemeenten, die met gebed en gaven dit werk mogelijk gemaakt hebben, maar ook aan u/jou die dit heeft laten merken d.m.v. een brief of mail, dat er meegeleefd wordt. Het is echt onmogelijk om op papier tot uitdrukking te brengen, wat dat voor ons betekent: dat we ons geen zorgen hoeven te maken, om de plannen te kunnen verwezenlijken met al die mensen, die anders nooit samen, als kerk en gezin, in staat zouden zijn, om bijvoorbeeld Kerst te vieren. En kerst brengt weer tot uitdrukking dat GOD alles in Jezus gegeven heeft, om zeker te kunnen zijn dat Hij onze zonden wil vergeven.

In deze weken las ik in m´n stille tijd de brief aan de Hebreeën. Enorm boeiend! Ik heb dan de neiging om, als ik die uitgelezen heb, weer van-voren-af-aan te beginnen en te mediteren over alles wat de Heilige Geest ons duidelijk wil maken. Ik zou haast willen zeggen, wat in 11:32 geschreven staat: “de tijd zou mij ontbreken, als ik ging verhalen van...” Daar wordt zo schitterend uitgelegd, dat dwars door de geschiedenis heen, God laat zien, dat we niet zonder elkaar kunnen. Toen niet, en ook nú niet!! We hebben elkaar zó nodig om samen “het beloofde te verkrijgen”(11:39). En dat verklaart ons ook, dat we met volharding de wedstrijd moeten lopen en alles wat ons daarin belemmert, moeten “afwerpen”. Dat is OVERAL ter wereld gelijk, in alle tijden en culturen. Daarin staan we in “het werk” zij-aan-zij.

Lieve medewerkers: nogmaals heel hartelijk dank voor de betrokkenheid. En we zien uit naar datgene wat God ons te doen geeft in het komende jaar. Laten we standvastig blijven “als ziende de Onzienlijke” (Hebr. 11:27) of zoals de Willibrordvertaling het zegt: “De onzichtbare Koning had hij (en wij) a.h.w. voortdurend voor ogen.”

Nogmaals: we wensen jullie allen Gods vrede toe, dwars door alles heen.
Namens Froukje, Judith en Wilfredo: Gods Vrede!

Gezegende Feestdagen


Ger en Froukje

donderdag 11 november 2010

Voorbereiden op de regentijd

Leidersconferentie

Het vorige verslag eindigden we met de mededeling, dat we nog één Leidersconferentie zouden verzorgen, voordat de regentijd zou beginnen. Helaas konden Froukje en ik die niet helemaal bijwonen, want halverwege moesten we om verdrietige familieomstandigheden naar Nederland. Ik kon nog “net” wat studies met de voorgangers doen, maar de tweede dag van de conferentie vertrokken we per vliegtuig naar Lima en daarna naar Nederland. Judith en Wilfredo hebben de dagen, dat we er niet waren, geleid en hebben dat voortreffelijk gedaan. Er worden dan thema´s behandeld en bestudeerd als Hermeneutiek, hoe een preek voor te bereiden en te brengen, psychologie en pastoraat, je bediening vinden, enz. Deze thema´s worden eerst in theorie voorgelegd, waarna de voorgangers in workshops zelf praktische vraagstukken moeten oplossen en de oplossing aan de anderen voorleggen.


6.30am Op het vliegveld uitzwaaien

Het afscheid van onze mensen was best ontroerend: alle voorgangers waren naar het vliegveld gekomen om ons uit te zwaaien. Het was heel indrukwekkend om al die mannen met hun typisch Cajamarcaanse hoeden op het vliegveld te zien staan. Voor de meesten was het de eerste keer, dat ze van zo-dicht-bij een vliegtuig zagen. Ze wilden op de foto, want “anders zouden hun (klein-)kinderen het niet geloven dat ze zo dicht bij een echt vliegtuig gestaan hadden”. Vanuit Lima hebben we nog via de luidspreker van een mobiele telefoon ze mogen toespreken en afscheid genomen. Toen we dat deden, ging er een gejuich op: heel ontroerend. Hetzelfde gebeurde toen we vanuit Nederland de jeugdleiders telefonisch mochten groeten. We voelen ons dan zó verbonden en toch weer te ver weg. Daarom is het weerzien altijd weer een feest.

Froukje en ik zijn nog geen maand in Nederland geweest, maar hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om wat familie en gemeentes te bezoeken, zo ver het mogelijk was. Verder hebben we met het “Perú-comité” een heel goede vergadering gehad waar diepgaand over de toekomst van het werk in Peru is gebrainstormd. Wat is het geweldig om je gedragen te weten door gemeentes/broeders en zusters die dezelfde passie hebben: dat is echt een enorm voorrecht! Nadat wij uit Cajamarca weggegaan waren hebben Judith en Wilfredo de conferentie verder geleid. Ze worden daarin helemaal door de Gemeenteleiders geaccepteerd en gewaardeerd. Ook dat is een enorme geruststelling. Het werk dat in 2001 door ons is opgepakt, gaat door! Het is niet afhankelijk van Froukje en mij: wat Hij begonnen is zal Hij ook tot een goed einde brengen.

In oktober hebben Judith en Wilfredo voor de tweede keer een paar dagen training gegeven aan de jeugdleiders van 5 dorpen. Ze kwamen met 13 jongelui, om te leren hoe je een boeiend programma kunt geven aan jongelui van 13-20 jaar. Maar dat kunnen ze beter zelf vertellen.

Jeugdleidersconferentie, Judith schrijft:


Groep Jeugdleiders met Wilfredo (rechtsonder)

Dit jaar zijn Wilfredo en ik voor het eerst in de geschiedenis van “onze” kerkjes, begonnen met gericht tiener- en jeugdwerk op te zetten. Als vruchten van het zondagschoolwerk sinds 2001, zien we nu de kerkjes zelf vragen om werkmateriaal voor hun jongeren. Er werd met de kinderen en met de oudere leiders gewerkt, maar de jeugd viel er vaak buiten, dus zijn we hard gaan zoeken naar materiaal dat geschikt is voor het binnenland: wat betreft thema’s maar vooral ook het nodige materiaal voor de lessen wat je daar vaak niet kunt vinden. Zo hebben ze bijvoorbeeld meestal niet de mogelijkheid om kopietjes te maken of gekleurd papier te kopen en dat geeft toch vaak wel meer mogelijkheden.


Het eerste seminar kwamen de jeugdleiders van 4 dorpen: Oxamarca, Sucre, Malat en Porvenir. Later kwam ook Tupac Amaru om het werk te beginnen. Deze tweede seminar kwam La Quinua erbij en zo zijn er dus 6 dorpen waar de jeugd nu regelmatig bij elkaar komt. We hebben ook al een aanvraag voor Piobamba, dus hopen we het werk met de jeugd komend jaar meer uit te breiden. Het is belangrijk om de jongeren een alternatief aan te bieden dat gericht is op hen; dat op hun niveau ligt en waar ze thema’s kunnen bespreken in een gezonde omgeving. Er kan veel verschil zijn in cultuur en gewoontes in de wereld, maar de vraagstukken van de jongeren zijn toch vaak vergelijkbaar: wie ben ik, wat is belangrijk in het leven, waar sta ik in relatie tot mijn omgeving/ maatschappij, met wie ga ik trouwen? Veel van de jongeren en ook van de leiders, zijn zelf nog heel erg jong. Van een bepaalde jeugdgroep waren er 3 jongens van rond de 14 jaar gekomen. Zij zullen nu, samen met hun leeftijdgenoten in hun dorp, de lessen die ze geleerd hebben, toepassen.

Voorbeeldles door Judith


Naast lessen over hoe-het-materiaal-te-gebruiken en de groep actief mee te laten doen, willen we de jeugdleiders ook bemoedigen en toerusten, waar tijd voor wordt genomen in dit soort weekenden. Het thema van het afgelopen jaar is geweest: Terugkeren Nimmer, Opgeven Nooit! Tijdens het laatste seminar kwam heel sterk een nieuw thema naar voren en we denken dat we daar aankomend jaar mee zullen werken: DURF ANDERS TE ZIJN! Deze jongeren zijn anders dan stads-jongeren en worden slecht behandeld als “boerenzonen”; dan worden ze ook in hun dorpen vaak raar aangekeken, omdat ze niet meedoen met de drinkpartijen en zich bezatten; maar we willen ze leren dat ze anders mogen zijn, dat het anders-zijn ze speciaal en waardevol maakt voor het specifieke werk dat God voor hen in hun eigen dorp in petto heeft!

Evaluatievergadering, Ger schrijft:


Zoa1s gebruikelijk houden we aan het eind van het seizoen een evaluatievergadering met alle gemeenteleiders van de 18 kerkjes . Dit vindt plaats voordat de regentijd begint. Vaak vallen er tijdens de regens modderlawines naar beneden, die het verkeer onmogelijk maken, waardoor we na deze leidersconferentie niet meer naar de kleine dorpjes in het binnenland kunnen reizen. Die vergadering hebben we 21 okt. gehad. Ik zelf zag enigszins tegen die vergadering op, omdat één kerk de laatste maanden behoorlijk dwars lag. Men deed praktisch aan geen enkele activiteit meer mee, terwijl men wel van de “zegeningen” wilde profiteren zoals kleine ontwikkelingsprojecten. We hebben er veel voor gebeden en óók overlegd met onze rondreizende (4) oudsten, die hier “presbiters” genoemd worden. Er waren een paar goede gesprekken en er zijn afspraken gemaakt voor komend jaar. De voorganger van Sucre en de presbiters zullen de vinger aan de pols houden. We zijn heel gelukkig dat tot nu toe alles goed verlopen is, maar toch vragen we je gebed, dat deze mensen zich nauwer zullen aansluiten bij de andere kerken in de campo en leren wat dienstbaarheid naar de naaste inhoudt.

Vergadering met de presbyters en voorgangers van Sucre en Oxamarca


In de regentijd

Het komende weekend ben ik in Cajamarca-stad uitgenodigd om een evangelisatiecampange te leiden in de Presbyteriaanse kerk. We hebben daar heel goede contacten mee, maar helaas komen er bijna geen jonge mensen. Hopelijk bid je (dit keer dus, met terugwerkende kracht) mee dat daar verandering in zal komen. Al vaker werd ik uitgenodigd en sommige jongeren komen dan luisteren. Dat geeft de burger moed.

Dat we nu de regentijd ingaan, betekent niet dat we de deur niet meer uitkunnen: zo heb ik laatst met 3 actieve leden van onze jeugdgroep uit Cajamarca, enkele dorpen bezocht en in 2 scholen films kunnen vertonen. De dorpen zijn nog niet op het elektriciteitsnet aangesloten en dat betekent dat er een enorme belangstelling is voor films. We vertoonden de “Jezus-film voor jongeren”. Niet alleen de jongeren, maar óók de onderwijzers toonden enorm veel belangstelling en drongen erop aan om vooral gauw weer terug te komen! Na afloop kreeg elke leerling een exemplaar van het stripboek “Hij leefde onder ons” mee, en de onderwijzers een Nieuw Testament. We hadden niet genoeg stripboeken mee naar binnen genomen, en toen we weg wilden rijden, werden we omringd door een grote groep leerlingen die nog geen boekje gekregen hadden en er toch ook dolgraag één wilden hebben. Bid voor hen, dat ze tijdens het lezen, door Gods Geest overtuigd worden en voor Jezus zullen kiezen.

Toen we naar huis reden, leek het erop, dat de regentijd ondertussen was aangebroken: we glibberden van het ene bergstroompje via het andere naar beneden. Maar op dit moment is het al weer zeker 2 weken droog, terwijl onze broeders in de campo bidden om regen.

Binnenkort zullen we een paar weken in Bolivia doorbrengen, waar onze dochter Sanne met man en kinderen woont en werkt. Blijf tijdens dit alles voor ons bidden: we kunnen geen enkel moment zonder.

dinsdag 10 augustus 2010

Zelf leren denken en onderzoeken

Eind Juli vierden we de tweede Leidersconferentie. Deze keer waren er 29 broeders die tijdens de nationale feestdagen naar Cajamarca waren gekomen. De vorige keer waren er 34 leiders en 3 ‘vrije studenten’. Zich vrij maken voor Bijbelstudie en onderwijs, terwijl er veel te doen is op het land, blijkt steeds weer een beslissing te vragen. De cultuur is hier niet een cultuur van planning en al helemaal niet van visie op de lange duur. Daarom besteden we veel tijd aan het motiveren van de broeders en proberen hen duidelijk te maken, dat de deelname aan de conferenties een investering in hun Gemeente is. Het is de bedoeling dat ze de lessen die ze krijgen, doorgeven aan hun Gemeente en niet dat ze het alleen voor persoonlijke toerusting houden. Om diezelfde reden geven we ze van ieder thema geschreven en praktisch materiaal mee naar huis.

Het was een prachtig programma met zeer nuttige lessen. Het eerste onderwerp was “Pastorale Zorg”. Dat is iets wat nauwelijks aanwezig is in de kleine kerkjes in het binnenland. Godofredo, de voorganger van de kerk waar wij lid van zijn, heeft op dit gebied een ruime ervaring. Hij begon met de opmerking dat discipline/tucht meestal veel wordt toegepast, maar dat de bedoeling daarvan: “herstel”, nauwelijks plaatsvindt. Iedereen weet wat niet goed is, maar hoe dat weer in orde moet komen is een hoofdstuk apart. Hij sprak over pastorale huisbezoeken, de noodzaak ervan, fouten die we moeten voorkomen en praktische tips voor conflictbeheersing. Het was een heel bruikbare les en we hopen dat de broeders er hun voordeel mee kunnen doen.

In de kerkjes worden soms 4-5 diensten per week gehouden. Alle diensten lijken op elkaar, er wordt gezongen en vaak geïmproviseerd gepreekt, waarna iedereen weer naar huis gaat en leeft zoals hij denkt dat goed is. Onderwijs is/was nauwelijks aanwezig. Daarom zijn de conferenties zo belangrijk, er worden onderwerpen behandeld, die de mensen zelf hebben aangedragen. Ger heeft onderwerpen als de prosperity-leer behandeld, maar ook de doop in de Heilige Geest en het functioneren van de gaven. Er is op dat gebied heel veel wildgroei met excessen. Ons verlangen is dat de kerkjes in het binnenland gezonde gemeentes worden, die invloed hebben in hun omgeving. Door de kleinschaligheid van het dorp, kan de kerk een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van de gemeenschap. Er is veel vervuiling in de beleving van de kerk door gewoontes die als doctrines worden opgelegd. De buitenkant is dan belangrijker dan de binnenkant: het hart.

Doordat de mannenbroeders opdrachten kregen, die ze in groepjes zelf moesten uitwerken, hadden we de studieboeken zoals concordantie, Bijbelse encyclopedie, Bijbels woordenboek en commentaren van Ger’s bibliotheek ter beschikking gesteld. Het was prachtig om te zien met hoeveel ijver de mannen thema’s opzochten en vragen uitwerkten. Doordat ze merkten dat Bijbelstudie leuk en interessant wordt als je hulpmaterialen hebt, zijn er nu verschillende kerkjes die een aanvraag willen doen voor hulp bij de aanschaf van een bibliotheek in de kerk.

We hebben sinds een paar jaar een verdubbelingfonds opgezet: d.w.z. dat de mensen zelf bepalen wat zij zinnig vinden om aan te schaffen voor hun kerk, zij sparen een bepaald bedrag en wij leggen hetzelfde bedrag bij. Zo heeft Malat intussen een generator voor elektriciteit aangeschaft en dit jaar kochten ze hun beamer met geluidsinstallatie om films in het dorp te vertonen. Anderen hebben muziekinstrumenten gekocht, anderen hebben de vloer van hun gebouw aangelegd. Het motiveert de mensen om hun best te doen, om met activiteiten geld bijeen te brengen, maar vooral om dromen te hebben die werkelijkheid gemaakt kunnen worden. Een bibliotheek in de kerk is nu voor verschillenden een mogelijkheid en een wens geworden, omdat ze merken dat het hen helpt om de Bijbel beter te begrijpen en teksten niet uit hun verband te halen.

Ze leren zelf nadenken en dat is iets wat hier zelfs op school niet erg wordt gestimuleerd. (Blinde) gehoorzaamheid is hier de grootste deugd. Je hoeft dan alleen maar te doen wat iemand anders zegt. Het geeft je een goed gevoel, want niemand kan je ter verantwoording roepen, en je kunt niets fout doen. Om zoiets te doorbreken is het werk van de Heilige Geest nodig en we zien langzamerhand sommige mensen wakker worden en hun eigen toekomst in handen nemen. Daar willen graag bij ondersteunen.

We hadden bezoek van een jong echtpaar uit Nederland, dat op zoek is naar Gods weg met hen, eventueel in Perú. Ze mochten erbij zijn en konden proeven wat het belang is van buitenlandse bijdrage in de ontwikkeling van het kerkelijk leven. Evangelisatie kunnen de Peruanen heel goed zelf doen, maar discipelschapstraining is toch nog een gebied waar hulp van buitenaf bij nodig is, vooral in samenhang met praktische, sociale en financiële ondersteuning.

De week na de conferentie ben ik, Froukje, druk geweest met 4 kinderen van het Lilianefonds. Een jongetje, Damian van 6 jaar, moet naar Lima gestuurd worden om te worden geopereerd. Daarvoor zijn er allerlei formaliteiten (overdrachtpapieren) nodig en dat vraagt enorm veel tijd en inspanning. Je krijgt geen lijst met welke formulieren nodig zijn, maar gaandeweg worden er steeds weer andere formulieren bij gevraagd. We beginnen met goede moed en hopen dan dat het niet te lang zal duren. Ongeveer 2 weken later kan Damian naar Lima reizen met zijn vader om een consult te krijgen voor de operatie in het Kinderziekenhuis van Lima. Daarnaast moest naar een oogarts met 2 jongens en naar de neuroloog met een andere. Veel tijd gaat ook zitten in het uitleggen aan de ouders wat er met hun kind aan de hand is en overleggen hoe de behandeling zal zijn. Als de ouders geen onderdak hebben bij een familielid in Cajamarca, mogen ze in onze kerk logeren, waar een ruimte is met stapelbedden voor de mensen uit de “campo” die onderdak nodig hebben. We zijn daar heel blij mee, want het geeft de mensen veel spanning om in de stad hun weg te zoeken naar ziekenhuizen, apotheken en laboratorio. Ook hier in de stad, zelfs in de publieke instellingen, worden de mensen uit het binnenland vaak niet goed behandeld.

Ons werk is integraal, niet alleen het geestelijke is belangrijk, maar ook het praktisch uitdragen van het evangelie en daar hoort gezondheidszorg ook bij. Met ieder kind en zijn ouder bidden we voordat ze weer weggaan, ook als ze geen christen zijn, want de hulp is voor iedereen, niet alleen voor de mensen die bij een kerk horen. Je merkt dat de mensen het waarderen. In Lima kan ik met de hulp van twee katholieke nonnen rekenen, die de weg weten in de ziekenhuizen aldaar. De mensen, die ik naar Lima moet sturen, worden door hen opgevangen en begeleid in hun weg naar de specialisten. Ook met hen kunnen we onze zorgen voor de patientjes uitwisselen en elkaar bemoedigen met gebed.

Deze maand gaan we naar Malat, waar Wilfredo en Judith het volgende Jeugdweekend zullen leiden. Het is een groep jongeren die nog niet zo lang bij elkaar komt, maar we hopen ze hiermee te versterken en ook de jongeren van andere dorpjes aan te moedigen zelf een jeugdgroep op te zetten. Dit doen Wilfredo en Judith vooral door op hen gericht materiaal te zoeken en een aantrekkelijk alternatief te bieden aan alsmaar dezelfde soort bijeenkomsten met de ouderen.

woensdag 16 juni 2010

Huwelijksconferentie in Oxamarca

Er is hier veel gaande in deze “droge tijd” van het jaar. We moeten de activiteiten van het binnenland vooral in deze tijd plannen, omdat de wegen in de regentijd, oktober tot maart, onbegaanbaar worden. Nadat we net de leidersconferentie in Cajamarca afgesloten hadden, zijn we, na de nodige voorbereidingen, nog geen twee weken daarop met Godo en z´n vrouw Teresa naar Oxamarca vertrokken, om samen een echtparenconferentie (of: huwelijksconferentie) te leiden. We hadden daar al eerder een huwelijksconferentie gehouden, en toen kwamen er zoveel echtparen op af, dat we nu vooraf al bekend gemaakt hadden, dat we niet meer dan 40 echtparen zouden kunnen inschrijven, om veel intenser aandacht te kunnen schenken aan de mensen.

Zo startten we uiteindelijk met 39 echtparen (78 deelnemers), waarvan er slechts 9 christenen waren. De studies die Godo voor de echtparen had voorbereid, waren heel open en zonder er doekjes om te winden. Iets wat vooral in de bergdorpen, maar ook in de stad, totaal niet voorkomt. Over “zulke dingen praat je niet”. Ik stel me zo voor, dat dit in Nederland het geval was in de jaren ´20 van de vorige eeuw. Een voorbeeld: iets wat je nauwelijks zult zien, is dat echtparen hand-in-hand lopen. Maar daar komt, dank zij de conferenties verandering in: vanaf het moment dat de lessen beginnen, is het “verplicht” hand-in-hand te lopen! In het begin is dat voor de meesten nog heel vreemd, maar een poosje daarna, genieten ze er zichtbaar van!

Tijdens de avonduren werden er films vertoond:
De eerste film liet het gevaar van alcohol/drank zien: de destructieve werking op het gezins- en huwelijksleven en het herstel daarvan, als mensen van verslaving bevrijd worden. Het was het waargebeurde verhaal van twee alcoholisten, waarvan de ene wel hersteld werd en de andere weigerde vergeving en herstel te ontvangen. Het is hier zo´n enorm bekend gegeven in Peru, dat iedereen het begreep. De tweede avond vertoonden we de ook in Nederland bekende film: “Fireproof” (vuurbestendig). De stoere brandweerman Caleb Holt heeft tijdens zijn werk één motto: laat nooit je partner in de steek. In zijn thuissituatie is dit echter een ander verhaal. Zijn huwelijk met zijn vrouw Catherine is nagenoeg op de klippen gelopen. Wanneer ze een scheiding willen aanvragen, grijpt Calebs vader in. Hij vraagt aan zijn zoon om mee te doen met het experiment 'The Love Dare', waarin Caleb 40 dagen zich inzet om de liefde van zijn vrouw terug te winnen.

Verschillende echtparen reageerden op de uitnodiging om van-nu-af-aan met Jezus en Zijn Woord verder te gaan, elkaar te vergeven en hun huwelijk een nieuwe start te geven. Op de foto´s zie je een aantal, dat op die uitdaging “Ja” gezegd hebben. Er kwamen jonge echtparen tot bekering en we vragen jullie gebed voor hen, dat ze ook de verandering in hun huwelijk en gezin zullen proeven en de diensten in de Gemeente van Oxamarca zullen gaan bijwonen. Bid ook voor Gilmer, de voorganger van de Gemeente; hij heeft eigenlijk geen sterke pastorale bediening, maar is organisatorisch en sociaal enorm begaafd. Beide bedieningen zijn nodig en daarvoor bidden we al geruime tijd.

Tot slot vragen we vast je gebed voor het geplande jeugdweekend in Sucre, waar Wilfredo en Judith verantwoordelijk voor zijn. Dat hopen we te realiseren op 2, 3 en 4 Juli.

Heel hartelijk dank voor je geestelijk mee-strijden. We zijn ons steeds meer bewust, dat we dit alles nooit zonder jullie gebeden zouden kunnen realiseren. Dus: nogmaals heel hartelijk dank voor jullie aandeel in dit hele proces.

Luister ook naar de gebedstelefoon, waar ik elke 2 weken nieuwe gebedspunten inspreek. Het nummer is: (in Nederland) 040 2424466.

Gegroet uit Cajamarca, ook namens Wilfredo en Judith:
Ger en Froukje