dinsdag 12 mei 2009

Weer met z´n tweeen

Iedereen is weer naar zijn of haar plek teruggekeerd. Het was een byzonder feest, de bruiloft van Judith en Wilfredo. Een persoonlijk verslag en foto´s van Judith kunnen jullie lezen op haar weblog: http://www.judithprakken.blogspot.com/
Al vanaf half april kwamen de gasten uit Nederland, de vriendinnen van Judith logeerden bij haar in hun nieuwe huisje, sommigen logeerden in een hostal, anderen konden we onderbrengen bij vrienden en Marco en Sanne met hun dochter Marisa uit Bolivia, logeerden bij ons in huis. Sommigen kwamen bij ons ontbijten, maar vrijwel allemaal kwamen bij ons middageten. Zo zaten we vaak met 15-20 mensen in de tuin of waar maar plek was, want de tafel was daar niet groot genoeg voor. Elsy kwam deze dagen onze hulp, Melchora, helpen met koken en elke dag was er weer gelukkig genoeg voor iedereen. Sommige activiteiten deden we samen. Zoals het “vrijgezellenfeestje” van Judith en een tocht naar Cumbemayo (een “bos” van rotsen) met als sluitstuk een kampvuur op het terrein van Pan de Vida, bij Elsy. Daar werden allerlei klassieke liedjes gezongen: ik weet niet wat de Peruanen gedacht hebben van die uitbundige Hollanders, die luid zongen met bewegingen “van voor naar achter, van links naar rechts.......” enz. Veel hebben we maar niet vertaald :).







Na de bruiloft gingen alle gasten langzamerhand weer weg. Eén van de laatste gezamenlijke activiteiten was Konininnedag. Doordat er nog een grote groep bruiloftsgasten was, waren we met 20-25 mensen te gast in de Ijssalon van Pim, de Hollandse ijsboer hier in Cajamarca. Ger heeft een passend woord gesproken voor alle aanwezigen, want de gebeurtenissen in Apeldoorn kregen we ’s-morgens vroeg al mee via internet. Ook in het buitenland denk je dan “hoe is het mogelijk........”.

De laatste gasten, onze oudste dochter met haar man en onze jongste zoon, zijn vorige week donderdag weer vertrokken. En toen bleven we met z’n tweeën over in gezelschap van kat en hond. Judith zien we natuurlijk regelmatig, omdat zij ook in Cajamarca woont en 2 dagen per week met ons meewerkt, maar het is toch anders. Het went ook nooit om de rest van de kinderen ver weg te hebben. Gelukkig is er veel contact via internet en telefoon, maar toch...........

In September hopen we voor 4 maanden naar Nederland te gaan. Onze agenda wordt bijgehouden door Monique van Nierop en als er belangstelling is voor een spreekbeurt en/of presentatie zullen we graag komen. Het telefoonnummer van Monique is: 0497-535150, haar e-mailadres: monique@bureauvannierop.nl .

Voordat we naar Nederland kunnen gaan is er nog een heleboel te doen. Volgende week gaan we voor de eerste school, ná de regentijd,naar Cajén. Ger zoekt de films uit om ’s-avonds als evangelisatie te draaien en bereid de lessen voor voor overdag, samen met Marciano. De regens verminderen behoorlijk, dus we hopen dat de weg redelijk begaanbaar zal zijn. Reparaties en onderhoud zijn nog altijd een behoorlijk kostenpost.

zondag 12 april 2009

De eerste reis in 2009

Voorvergadering
in Celendín




Gisteren zijn we teruggekomen van onze eerste reis dit seizoen naar het binnenland. Het was best spannend hoe mijn lichaam zou reageren op alle gaten en kuilen. Met een stevige neck-lace ben ik meegegaan. Het is eigenlijk best wel goed gegaan. Op de heenreis heb ik niet erg veel last van mijn nek gehad. Woensdag hadden we de vergadering met alle leiders. Een paar leiders waren er niet en de situatie van hun kerk baart ons dan ook best wel zorgen. Als er geen plannen worden gemaakt en de “zaak” alleen maar draaiende wordt gehouden, dooft alles vanzelf uit als een nachtkaars. Graag jullie gebed voor Santa Ana met Rafael en Celendín met Demetrio. Dit jaar hebben we een paar nieuwe activiteiten gepland. Ten eerste een conferentie met echtparen. We zijn heel erg benieuwd hoe dit zal gaan. Het is op verzoek van de voorgangers dat we Godo en Teresa, onze voorgangers in Cajamarca, hebben gevraagd om deze conferentie te houden. Zij hebben speciale programma’s voor echtparen en in Cajamarca geeft het veel resultaat. In de “campo” is veel huiselijk geweld en communicatie is iets wat niet geleerd wordt, niet in de opvoeding, maar helemaal niet op de scholen. Eén onderwerp zal dus zijn: “hoe kan ik zinnig ruzie maken.”. Anderhalve dag willen we de echtparen min of meer afzonderen en dat zal niet meevallen met boerenfamilies. Ze zullen moeten organiseren dat hun kinderen zijn ondergebracht en hun vee verzorgd wordt.
We zijn heel erg benieuwd.

Een ander nieuw iets is een conferentie voor boeren, waar een “oude” vriend, Julio Rojas zal spreken. Twee dagen zal hij in Sucre zijn, daarna in Oxamarca en Malat. Dat zijn de plaatsen waar nu een boerenvereniging is. Vanuit de kerk is dit initiatief genomen, maar ook mensen van buiten de kerk nemen er deel aan. Julio is antropoloog, maar hij noemt het toegepaste antropologie. Hij geeft leiding aan communiteiten in veefokprogramma’s, verbetering van landbouw en een nieuw project, een geitefokkerij. Zijn ervaringen en kennis zal de mensen helpen om zelf meer initiatieven te nemen en tijd en geld te investeren in hun dromen.
Allemaal krijgen ze een poster
mee om in hun kerk op te hangen
"Hier bidden wij voor Perú"
Judith heeft voor een groep potentiële timmerlui in Sucre uitgelegd wat het project van de timmerschool inhoudt. In mei zullen de lessen beginnen. Twee maal twee dagen per maand, vier maanden lang. We zijn heel erg benieuwd hoe dat zal gaan.

Op de terugweg stonden we na een half uutje buiten Celendín, waar we overnacht hadden, al weer stil. Er was de avond tevoren een enorme hoeveelheid modder van de berg op de weg gevallen, een huayco (modderlawine) had de weg versperd. Een grote vrachtwagen, die van Cajamarca ons tegemoet kwam, had geen geduld om te wachten tot er een grondverschuiver zou komen en had geprobeerd om zelf door de modder zich een weg te banen. Hij zat muurvast. Van verschillende kanten waren er boeren komen kijken en zij begonnen met een paar spaden de modder bij de wielen weg te scheppen. Het duurde een half uur en toen konden we weer verder. Een omstander merkte op dat we geluk hadden, want een paar weken geleden was er een modderlawine gevallen en het had toen drie dagen geduurd voordat de weg weer vrij was.

Thuisgekomen merkte ik wel dat de spieren zich aardig hebben gespannen en we hopen dat het met therapie en oefeningen weer allemaal in orde komt. Het was in elk geval heel erg fijn om iedereen weer te zien. Verschillende verzoeken om hulp bij nieuwe projecten hebben we gekregen en daar zullen we in de komende tijd van vertellen. De mensen begrijpen ondertussen dat hun eigen aandeel in manuren, maar ook in geld minstens even belangrijk is en ze aanvaarden die verantwoordelijkheid. Ook het reilen en zeilen van de kerken geeft in zoverre voldoening dat er temidden van allerlei onzin, die op andere plaatsen wordt geleerd, “onze” kerkjes “recht in de leer” zijn gebleven en dat stemt ons tot grote vreugde.

dinsdag 17 maart 2009

Voorbereidend werk

Net toen ik wilde gaan zitten schrijven kwamen ze binnen, Waldesmiro en zijn vrouw María.

Ze komen uit Piobamba, een dorp op 5 uur rijden met de auto, maar met de melkwagen duurt het zeker 7-8 uur over een hobbelig karrespoor. Ze hebben een paar jaar geleden de beslissing genomen dat hun beide zonen het verder moesten brengen dan zij. Zo kwam hun oudste zoon, Telmo in Cajamarca terecht en zit nu in het laatste jaar van de middelbare technische school. Hij heeft het goed gedaan. Naast de school heeft hij een baantje, waardoor hij wat bijverdient en zijn kamer kan betalen. Nu is zijn jongere broer aan de beurt. Ilés zit nu in de eerste klas van dezelfde school en de ouders komen nu om hen beiden te bezoeken. Ze kunnen er nog niet aan wennen dat de kinderen niet meer thuis zijn, maar beslissen om in de stad te gaan wonen is ook heel erg moeilijk. Ze missen het open veld, het weiden van de schapen en het werken op het land. Als ze in Cajamarca zijn, willen ze altijd even langs komen om bij te praten en begrip te vinden. De kinderen ver weg wonend went immers nooit. We kunnen er over mee praten. Die bezoekjes komen niet altijd gelegen, maar we kunnen en willen ook niet zeggen dat ze maar niet meer moeten komen, we zien het genoegen wat ze er aan beleven om hun verhaal kwijt te raken.

Vorige week kwam Simón. Hij is oudste in de kerk van Malat en heeft de bouw van de kerk helemaal geleid. Ze zijn in Malat niet op hun lauweren gaan rusten, want ze hadden niet eens banken om op te zitten, dus zijn ze gaan timmeren en hebben intussen 18 banken gemaakt. We bidden nu dat alle banken vol raken, zodat ze erbij moeten maken. Helpen jullie mee? Terwijl Simón hier op het terras zat vroeg hij voor alle zekerheid, “Is het waar dat jullie verdubbelen wat wij bij elkaar sparen?” Vorig jaar zijn we begonnen met deze methode en het werkt prima. De mensen gaan zich afvragen wat ze beter zouden willen hebben of wat ze willen veranderen, daarna gaan ze er moeite voor doen en zien ze het resultaat van hun moeite verdubbeld. Nu kwam Simón met 700 soles, anderhalf minimum loon, want ze wilden graag een generator kopen, zodat ze electrisch licht in de kerk zouden hebben. Het hoefde geen grote generator te zijn. Na wat onderzoek is Ger met Simón een generator van 1 1/12 kw. gaan kopen. ‘k Heb er niet aan gedacht om het gezicht van Simón op de foto te zetten toen ze terug kwamen. Hij straalde, wát een vooruitgang voor de kerk. Een kerk die een paar jaar geleden nauwelijks een paar soles (Peruaanse munteenheid) bij elkaar kon krijgen en die door de bouw van hun prachtige kerk, meer een éénheid zijn geworden, veel leden erbij hebben gekregen en vooral gelóóf hebben gekregen voor vooruitgang.

Zo is er elke dag wel iets in deze tijd van voorbereiding, niet alleen van de bruiloft van Judith, maar ook van het nieuwe seizoen. Begin april zullen we de eerste vergadering met alle leiders hebben in Sucre, 4 uur rijden van hier. Daar hopen we het jaarprogramma voor 2009 te presenteren, maar vooral elkaar weer te ontmoeten en iedereen ziet daar naar uit. Voor sommigen is het een hele dagreis, lopend om er te komen, voor anderen zelfs anderhalve dag, maar meestal is iedereen er. Hiervan zullen we zeker verslag doen in een volgende bijdrage.

Een hartelijke groet van,
Ger en Froukje uit Cajamarca.

woensdag 4 februari 2009

Door Judith

Alweer februari… Zomaar ineens een maand voorbij en toch nog altijd panne op t werk, tenminste wat gaat over het loon van December. Velen van ons hebben onder druk toch het nieuwe contract getekend, waarbij er weinig verplichtend verband meer blijft tussen werknemer en werkgever, maar toch, we moeten ergens van leven. Dus tekenden we, maar toch geen loon: waarom? Omdat het pas in Januari getekend is en de betalingsregeling nu via een rechter moet gaan... dat kan nog even duren... en kosten. Hopelijk krijgen we vandaag Januari uitbetaald, en kunnen we daar t een en ander van doen: we hebben nu een huurhuisje en een bruiloft te betalen :)

Wilfredo werkt als Projectleider in een zes-maanden-project voor de gemeente van “Baños del Inca” en heeft om administratieve redenen ook December niet uitbetaald gekregen. Zijn contract mag wettelijk gezien pas vanaf januari ingaan, zelfs als hij al in December heeft gewerkt... weer een gedoe.

Nu we in Cajamarca toch getekend hebben denk ik af en toe, hadden we dat maar meteen gedaan, hadden we nu al deze ellende niet moeten doorgaan. Maar aan de andere kant leer je zoveel van hoe de maatschappij in elkaar zit, hoe mensen wel of niet samen werken, recht en vooral onrecht. Voor onze afdeling heeft het positief bijgedragen aan de sfeer onderling: allemaal in hetzelfde schuitje en meer vertrouwen; een thema dat altijd in deze streek best moeilijk is, gezien er veel verraad en eigen belang meespeelt in veel keuzes. Het is individualisme maar anders dan in NL: jaloersheid speelt een grote rol, wat een ander krijgt kan jij niet meer krijgen (vooral werk, inkomen, spullen), toch ook de wet van de sterkste (lees: sluwste).

Toch hoeft dit niet altijd op te gaan, zeker met vrienden van de kerk, waar ik in de loop der tijd echt een tweede familie heb mogen ervaren. Zeker toen het zo slecht ging met mijn moeder en die in Bolivia was: zowel Nederland als hier in Perú leefde iedereen heel erg mee!! Ik ben heel erg blij mijn ouders weer dichtbij te mogen hebben, al heeft mijn zus Sanne erg goed voor ze gezorgd en ze hier te gemakkelijk in de dagelijkse taken rollen, wat juist voor mijn moeder niet de bedoeling is. Het valt haar niet erg mee te accepteren dat ze gelimiteerd is en dus veel moet afstoten: niet alleen nu om het later weer op te pakken, maar juist VANAF NU en steeds meer zodat een ander het oppakt. Ze heeft dagelijks twee uur fysiotherapie en moet eigenlijk ook twee uur extra overdag rusten om het lichaam de kans te geven weer goed te genezen... dat valt niet mee, maar we zijn velen die erop toezien ;) Blijf bidden voor volledig herstel!

Juist om deze reden, omdat er nog best wat blijft liggen en het werk in het binnenland weer begint, zijn we aan het kijken naar de mogelijkheid of ik wat meer kan steunen in het werk (administratief, voorbereidend en organiserend) met de kerken in het binnenland – de Campo. Hiervoor moet het thuisfront van Nederland er natuurlijk achter staan en zou het voor mij een uitdaging zijn, beetje bij beetje mijn eigen thuisfront op te kunnen bouwen en daarmee steeds meer uren te besteden in de voortgang van dit belangrijke werk. De milieuwereld is, zoals jullie wel weten, ook mijn passie en we willen zien of we beide kunnen combineren zodat ik ook de contacten van het werk op de Burgerlijke Gemeente kan gebruiken voor het verbeteren van de leefomstandigheden van de arme boeren in het binnenland, waar mee mijn ouders al jaren werken.

Toen ik met de Directeur en mijn directe baas ging praten over het stoppen bij de gemeente, waren ze er niet erg blij mee en boden ze aan te onderzoeken of ik dan drie dagen in de week zou kunnen werken: iets wat hier niet erg gewoon is, gezien er niet gekeken wordt naar productiviteit, maar alleen je uren maken en niets meer. Ik was erg blij de waardering te merken voor wat ik deze twee jaar heb kunnen opbouwen. Nu is het dus afwachten of de personeelsafdeling het accepteert, gezien ze, zoals jullie wel gemerkt hebben, niet erg flexibel zijn. Voordeel voor mij is dat de Directeur van de Milieuafdeling een goede vriend van de Burgemeester is, en zo wordt nou eenmaal alles hier bepaald. Daar houden we rekening mee en maken we gebruik van :)

Dus vanaf maart hopelijk half om half werken: 3 dagen milieuafdeling - en 3 dagen ontwikkelingshulp voor het binnenland van Cajamarca-Perú.

--Geplaatst door Judith PERU op Judith & Wilfredo op 2/02/2009 06:17:00 PM

woensdag 14 januari 2009

Mijn Gezondheid

Lieve mensen,

Onderstaand verslagje van de laatste week en de thuiskomst in Cajamarca is misschien interessant om voorlopig het onderwerp Froukjes gezondheidsproblemen in de koelkast te zetten

Van de vakantie in Bolivia hadden we ons iets anders voorgesteld, maar soms lopen de dingen niet zoals we hopen of denken. Zoals de meesten ondertussen wel weten kwam ik na 2 dagen Bolivia al voor 2 weken in het ziekenhuis terecht. Achteraf is de diagnose een optelsom van verschillende dingen geweest. Doordat adequaat is gereageerd konden we vandaag op de geplande datum weer naar Perú vliegen. Gelukkig hebben we nog en paar leuke dagen gehad met Sanne, Marco en Marisa. Zoals Sanne zei was het het belangrijkste dat we even bij elkaar waren.

Met een stapel MRI's, en andere onderzoeken zijn we teruggekeerd. De bedoeling is nu dat er morgen een strategie wordt opgesteld met Rubby, de rehabilitatie-arts en de fysiotherapeute van Ger. Voorlopig krijg ik dan fysiotherapie, ondersteund met medicijnen en later aangevuld met oefeningen. Op die manier moeten de spieren weer enigszins onder controle komen. Vooral vragen we om gebed voor herverdeling en aanvulling van taken. Er zijn veel mogelijkheden, maar we willen wel de juiste beslissingen nemen. Ik moet nog veel rusten en om een nieuw levensritme aan te leren zal niet mee vallen.

Ongelooflijk hartelijk bedankt voor alle gebeden, maar ook de mailtjes en telefoontjes, want die hebben heel erg goed gedaan op momenten dat het niet makkelijk was.

Hartelijke groeten,Froukje

vrijdag 26 december 2008

Tweede Kerstdag

Lieve allemaal en ieder persoonlijk!!

Tijdens momenten zoals we die de laatste dagen weer doorléven, ontdek ik weer hóe ontzettend kostbaar het is om mensen om ons heen te hebben die zómet ons mee-leven en vooral: méé-bidden.
Op dit moment dat ik dit schrijf, is het vrijdagavond en zojuist hebben weweer met de neuroloog gesproken. We hadden de hoop dat Froukje morgen(zaterdag dus) het ziekenhuis uit mocht, maar hij wilde ons niet "latengaan", in ieder geval niet vóór maandag ! Toch ben ik enorm dankbaar, datwe dat konden hopen, want dat betekent, dat het beter gaat met Froukje !!Maar (wat hier gewoonlijk niet gebeurt): we vragen de doktoren "het hemdvan het lijf", en zo kom je ook achter hun twijfels.
Wat ze nu "vermoeden" is het volgende:De ontzettende pijn die Froukje de afgelopen anderhalve week heeft gehaden die ze tot vanmorgen nóg had is een opéénhoping van feiten:een ontsteking met koorts; verder verkramping van spieren (links en rechtsop haar hals verschenen dikke bulten als gevolg daarvan). Een zenuw kwamdaardoor klem te "zitten" en dat veroorzaakte een enorme hoofdpijn metóvergeven.
Dat gaf de indruk dat er een hersenbloeding had plaats gevonden,vooral omdat het van het ene-op-het-andere moment plaats vond. Desymptomen waren zodanig, dat er MRI's, CT-scans en Röntgenfoto's van hoofden nek werden gemaakt.
Verder werd ze met antibiotica, spierontspanners, pijnbestrijders enrustgevende middelen behandeld omdat de pijn niet te verdragen was. Op descans en MRI's bleek dat het met de nek niet in orde was en daarom werd ereen kraag om de nek gedaan en moest ze helemaal plat liggen om hoofdpijnen duizeligheid te vermijden.Toch gaf hij toe, dat de "angst entwijfel"over een eventuele lichte hersenbloeding bleven bestaan, maar erwaren te weinig kentekenen voor aanwezig.
Gisteren was Froukje nog heel erg ziek; ontzettende hoofdpijn en ze blééfmaar overgeven. Maar vandaag was het "stukken beter".Ze heeft zelfs eenstukje taart gegeten, dat we uit de stad hadden meegebracht. Daaromhoopten we eigenlijk dat ze zaterdag mee mocht naar het huis van Marco enSanne. Maar dat zal dus hopelijk maandag worden.Waar de artsen dus erg bang voor waren, lijkt niet ´waar´te zijn. Maar wijzijn er van overtuigd, dat dit uiteindelijk het resultaat is van`onvoorstelbaar veel gebeden.Froukje zei zojuist:"INDRUKWEKKEND !!!"
Heel hartelijk dank voor je meeleven en vooralvoor je gebed

Namens ona allemaal:
Ger Prakken.

vrijdag 28 november 2008

een dag naar Celendin

Vorige week zaterdag zijn we “even” op en neer naar Celendín gereist. Eind oktober werd ik in Oxamarca gevraagd om te kijken naar een meisje wat dubbel gehandicapt is.

Rosmery lag op een paardedeken, want was door haar vader op een paard vervoerd vanuit hun dorpje naar Oxamarca. Ze moesten daarvoor 2 uur lopen en vervolgens drie uur met het busje naar Celendín. Rosmery heeft hersenvliesontsteking gehad toen ze 8 maanden oud was, en doordat elke gezondheidszorg in die tijd helemaal ontbrak, is er weinig aandacht aan besteed. Ze overleefde het, maar haar leven is alleen “bestaan”, dan werkelijk leven. Communicatie is nauwelijks mogelijk. Ze “cummuniceert” door kreunen. Haar lichamelijke ontwikkeling bleef ook heel erg achter, waardoor haar lichaam scheef gegroeid is. Het was één hoopje ellende.

In het gemeentehuis van Oxamarca is sinds twee jaar een kantoor speciaal voor hulp aan gehandicapte mensen. Eduin is verpleegkundige met een middelbare opleiding en is aangesteld om deze mensen op te zoeken, te registreren en te zien wat hij voor ze kan doen. Budget heeft hij hiervoor nauwelijks. Hij bracht mij in contact met Rosmery en het balletje is gaan rollen.

Er was al een officiële diagnose gesteld, dus in eerste instantie ben ik samen met Dra. Rubby, de rehabilitatie-arts die het werk met de “Lilianekinderen” ondersteunt, naar Celendín gereist.
Dat is de dichtsbijzijnde grotere plaats waar we eenvoudig met openbaar vervoer konden komen. Ook Fina, de fysiotherapeute van Ger, ging mee.

We vertrokken om 7.00 uur ‘s-morgens en waren om half 11 al in Celendín. Eduin stond ons op te wachten, niet alleen met Rosmery en haar vader, maar ook met nog een andere vader met zijn zoontje. Dat zoontje is al langer in mijn programma van het LilianeFonds, maar het kost de ouders kennelijk veel moeite om structureel voor controle naar Cajamarca te komen, want ik had hem al anderhalf jaar niet meer gezien. Rubby heeft de kinderen geëvalueerd en we hebben een plan gemaakt.

Voor Rosmery hadden we een deken en twee kussens meegenomen, zodat ze gemakkelijker kan zitten. Nu ligt ze de hele dag op bed en soms probeert ze met één arm zich enigszins op te drukken. Daardoor heeft ze een hele kromme rug gekregen. We zullen ook een soort stoel voor haar laten maken om te voorkomen dat ze nog krommer groeit. Zo hebben we met elkaar een plan ontwikkelt voor op korte en middenlange termijn. Haar vader is “promotor de salud”, d.w.z. dat hij een soort eerste hulppost is in zijn dorpje, waar de mensen bijvoorbeeld pijnstillers kunnen krijgen. Waarschijnlijk door dit verantwoordelijkheidsgevoel ziet Rosmery er lichamelijk goed verzorgd uit. Ondanks dat zij veel ligt, heeft ze een gave huid en was de decubitis-zalf die ik meegebracht had, niet nodig. Als we zo met haar bezig waren, glom haar vader van trots, iets heel byzonders voor iemand uit de campo, uit het binnenland. Velen verstoppen hun gehandicapte kinderen, laten ze opgroeien tussen de beesten; deze vader was en is trots op zijn dochter, hoewel hij natuurlijk ook heel erg bezorgd is voor de toekomst.

Dezelfde dag zijn we teruggegaan met en busje. Onderweg hadden we nog een klein oponthoud, omdat een band lek was. Nu dat was niet zomaar lek, want de flarden hingen erbij. De banden worden echt helemaal kapot gereden, voordat ze vervangen worden en dan worden ze vaak nog opnieuw gevulcanizeerd, dat is goedkoper dan nieuwe, maar net zo veilig.......? Dit naast het gebrek aan veiligheid door toenemende overvallen op de wegen. ‘k Heb nog een paar dagen flink last gehad van pijnlijke spieren vanwege het gehots onderweg. Hier zijn de wegen antislip.

Deze week hebben we veelvuldig bezoek gehad van mensen die hulp nodig hadden bij doktersbezoek. Ook Ander, de vader van Elisha die aan haar schouder en rug geopereerd is, komt elke week een dag voor evaluatie en behandeling van zijn dochter. Het gaat steeds beter met haar, maar de vinger moet wel goed aan de pols gehouden worden. Het is een hele opgave voor Ander om 3x per dag massages en oefeningen met Elisha te doen en te blijven doen. Toch is het de enige manier om haar schouder op hetzelfde niveau te krijgen als de andere schouder.
Zo hebben we deze week regelmatig met 8 of 9 mensen aan tafel gezeten. Onze hulp, Melchora, heeft steeds heerlijk gekookt en gelukkig vindt zij het heel erg leuk en een uitdaging als we ineens veel gasten hebben, want in de campo eten ze toch een “beetje” meer dan de mensen van de stad.