dinsdag 11 maart 2008

Liliana Fonds - door Judith

Bijna twee weken is Ana bij ons in huis, ze is 15 jaar oud en komt uit Oxamarca, een dorpje zo´n 6 uur rijden vanaf Cajamarca.

Zoals velen van jullie weten werkt mijn moeder samen met het Lilianefonds voor rehabilitatie van kinderen. In de dorpen waar mijn ouders werken kom je vaak „gevallen" tegen die, als ze op zeer jonge leeftijd zouden zijn geholpen met een operatie of fysiotherapie, niet zoveel hoefden te lijden of grote operaties zouden moeten ondergaan om het weer "recht te breien". Daarom werkt m´n moeder met de kinderen en dan nóg zijn er soms al ver gevorderde misvormingen. Zo zijn er veel kinderen met scheve voetjes of hazelipjes.

Toen Ana geboren werd, dachten ze dat ze doof was, want ze werd geboren met frommel-oortjes die vooral aan één kant helemaal dicht was aan de buitenkant. Ze hoorde wel wat, maar heel in de verte, zoals als we de handen tegen de oren houden... maar door op dat gebied ANDERS te zijn, is ze ook altijd anders behandeld: als een doof-stom en achterlijk kind. Ik denk dat als je als zodanig wordt behandeld je je er ook langzaam maar zeker naar gaat gedragen...

Een twee jaar geleden heeft moeder Froukje (die wordt inmiddels als moeder overste behandeld door de "patiënten"), alle papieren en consulten geregeld zodat Ana een operatie en langdurige behandeling kon ondergaan. Dat betekent eerst in het eigen dorp een verwijzing regelen, vervolgens in Cajamarca en dan weer naar Lima, want alleen dáár kon ze geopereerd worden. Dit klinkt best simpel, maar zomaar krijg je geen verwijzing, want om te beginnen zijn de geboorte actes al niet juist ingevuld en moet je in Cajamarca voor zessen nummertje trekken om later op de ochtend (9 of 10am) geholpen te worden en vaak weer een paar keer terug komen. En dit alles naast het feit dat Ana nooit het dorp was uitgeweest en haar vader de akker moest laten liggen om mee te gaan. En zo is het heel wat werk om één kind te helpen... M´n moeder heeft er nu 16 in behandeling!!

Na de laatste operatie om het oor te openen in februari 2008, moet ze regelmatig voor controle naar de doctor. Dit was de vorige keer in Oxamarca helemaal mis gegaan, waardoor de dure operatie bijna voor niets was geweest; dat was het risico nu weer niet waard. Dus naast alle consulten, regelen van de operatie en controles heeft m´n moeder besloten Ana in Cajamarca te houden, hier bij ons in huis.

Doordat ze altijd achtergesteld is, heeft Ana niet alleen fysieke problemen: ze heeft zeer duidelijk ook een emotionele schade en misschien ook een verstandelijke achterstand. Nu ze bijna twee weken bij ons is, zie ik steeds meer dat ze heel verward is, moeilijk iets kan uitleggen, binnensmonds praat ALS ze praat, maar gelukkig ook steeds losser komt. Zoals ik al beschreef: ze is altijd al achterlijk behandeld en misschien gaat ze er dan vanzelf naar handelen.

Om te beginnen zou ze psychologische hulp moeten krijgen en spraaktherapie. Maar hoe kan dit alles geregeld worden, zoals zoveel meer kinderen geholpen zouden moeten worden. Ze mist haar huis en ouders natuurlijk heel erg, want ze is niet alleen in een ander huis, maar bij ons ook in een andere cultuur terechtgekomen. Af en toe bellen we naar Oxamarca, zodat ze even kunnen praten. Ana is 15, maar reageert en handelt als een kind van 10 of 11. Om iemand als zij te kunnen helpen, echt integraal te kunnen helpen zou ze hier in Cajamarca moeten kunnen wonen om professionele hulp te krijgen... maar daar staat dan tegenover dat er geen tehuis is, haar verre familie, die hier in de stad woont, haar ook links zou laten liggen of als slaafje zou behandelen en we haar bij haar ouders en eigen omgeving weg zouden houden.

WAT MOET JE DAN? Als je zo´n kind een tijdje dichtbij hebt, ga je er intensief mee om, soms is het vermoeiend omdat het contact ook wel moeilijk is, maar toch ook heel mooi om te zien hoe ze langzaam vooruit gaat omdat ze anders wordt behandeld... te weten dat ze dan weer terug zou gaan naar Oxamarca, daar meteen zou terugvallen en wat vooral door mijn hoofd gaat is: HEER BEWAAR HAAR, want dit soort kinderen worden vaak sexueel misbruikt omdat ze toch niet serieus genomen worden... WAT MOET JE DAN??

Ik, wij voelen ons zo machteloos soms... je hebt geen goed alternatief voor opvang, maar je stuurt haar wel naar een omgeving die niet veel positiefs voor haar kan betekenen... wat er dan in mij opkomt: een opvangcentrum in Celendín opzetten. Celendín is een groot dorp/stadje dat net niet te ver weg is van hun realiteit, maar wel genoeg communicatiewegen heeft naar Cajamarca en hun dorpen, mocht dat nodig zijn.

Als er iemand zou zijn, IEMAND die weet waar te beginnen om zoiets op te zetten, daar samen over te braistormen en beginnen te werken... DENK JIJ DAAR MAAR EENS GOED OVER NA. De oogst is groot maar de werkers DIE HET VOLHOUDEN weinig...

Soms zijn onze "handen gebonden"

donderdag 21 februari 2008

Geen communicatie over land

Deze week zouden we naar Lima gaan, naar de jaarlijkse bijeenkomst van de Onafhankelijke Pinkstergemeentes waar we hier bij horen. Onze medewerkers, de voorgangers van Sucre en Oxamarca en één van de presbiters gingen al vooruit, maar op maandagmorgen al vroeg ging de telefoon. Het was Gilmer, de voorganger van Oxamarca, die zondagavond was vetrokken uit Cajamarca. Hij zat in de bus die stil stond in een ongelooflijk lange file van auto’s, bussen en vrachtwagens. Om middernacht waren groepen boeren overal in het land de grote wegen gaan blokkeren uit protest en onvrede over allerlei zaken. O.a. de lage prijzen voor hun producten en de hoge prijzen voor de eerste levensmiddelen als meel, rijst en suiker. De bus van Gilmer probeerde langzaam vooruit te komen, maar er werden voortdurend stenen gegooid en de ruiten waren al gesneuveld, zodat de passagiers zich op allerlei manieren probeerden te beschermen.
Wij hadden voor maandagavond een plaats gereserveerd bij een betrouwbare busmaatschappij en bij navraag bleek dat zij niet er van af zagen om naar Lima te vertrekken vanwege de enorme chaos op de Panamericana, de grote hoofdweg, die gaat van Noord naar Zuid en waar alle wegen naar het binnenland op uitkomen. Geen enkele busmaatschappij waagde zich die dag om op weg te gaan. Ook op dinsdag waren de problemen nog niet opgelost. De bijeenkomst in Lima was intussen begonnen. Gilmer was 2 nachten en anderhalve dag onderweg geweest, wat normaal een nacht is. Ons gaan naar Lima had geen zin meer.

Op dezelfde dag, maandag, was gepland dat Ana met haar vader naar Lima zouden gaan. Ana heeft “frommeloortjes” en op woensdagmorgen om 8 uur werd ze in Lima in het ziekenhuis verwacht. In januari was ze geweest, maar toen werd een afspraak gemaakt voor 20 februari, omdat de agenda voor operaties van de KNO-arts helemaal vol zat tot die tijd. Ze waren prachtig op tijd gekomen vanuit Oxamarca (7 uur reizen) naar Cajamarca en nu zouden ze te laat komen door de problemen onderweg. De wegen waren door de boeren zelfs met grote boomstammen geblokkeerd. Op dinsdag in de namiddag waren de wegen weer enigszins vrij van stenen en andere blokkades. In Ayacucho waren er 4 doden te betreuren na de botsingen tussen voor- en tegenstanders van de staking. In grote gebieden werd door de regering de noodtoestand afgekondigd. Nadat het verkeer vanuit Cajamarca naar Lima ogenschijnlijk enigszins was genormaliseerd, hoorden we dat de eerste “huaico”, d.w.z. een modderlawine bezig was te vallen op de weg van Cajamarca naar de Panamericana. ‘s-Avonds zagen we op het nieuws de enorme rotsblokken die naar beneden waren gekomen. Verkeer was werkelijk onmogelijk. Omdat het de doorgangsweg van konvooien voor de goudmijnen in Cajamarca is, is met man en macht gewerkt om de weg enigszins vrij te maken, zodat er in elk geval één rijbaan beschikbaar is voor verkeer. In dit geval is het gunstig dat we in het gebied van de mijnen wonen. Er spelen hele grote economische belangen rondom die aanwezigheid. Die belangen zijn niet altijd positief, maar dat is een ander gecompliceerd verhaal.
Vandaag is Ana vertrokken, omdat de dokter in Lima haar hoe dan ook wil opereren. We hopen dat ze veilig zullen aankomen en er niet al te lang over zullen doen. Een gewone reis duurt meestal 12-14 uur, maar onder deze omstandigheden is alles onzeker, zoals zoveel zaken in dit prachtige land.

De regentijd zet nu flink door. Het regent vrijwel de hele nacht en ook een stuk van de dag. Overal vallen er huaico’s en zelfs storten er huizen in door de regen. Veel huizen, ook in de stad worden gemaakt van aangestampte aarde. Een bouwconstructie die meestal heel degelijk is, er zijn zelfs huizen in de stad van honderden jaren oud, die van “tapia” zijn gebouwd. Door samenloop van omstandigheden als enorme aanhoudende regenval en slechte waterafvoer kunnen gedeeltes van de stad onder water komen te staan en “zuigen” die huizen zich als het ware vol met water, waardoor ze instorten. Ook het dak van Judiths kamer heeft van de week gelekt, maar er zijn een paar golfplaten bijgelegd en nu moet blijken of het voldoende is om het droog te houden.

woensdag 20 februari 2008

Eindelijk af om verder te gaan

Eindelijk is het af. Bijna een maand probeerde ik de verslagen voor het Lilianefonds te schrijven, maar steeds kwam er iets tussen. Vandaag is het op de post gegaan. Vanaf vorig jaar Augustus zijn er 12 kinderen “langs” geweest. Soms was het heel snel, d.w.z. een consult bij de oogarts en een bril bestellen, maar meestal zit ook achter zo’n “kleine actie” een heel verhaal.

Zo kwamen Haydé en Ismaël met hun moeder hier om hun ogen na te laten kijken. Ze lijden allebei aan albinisme, d.w.z. dat er geen pigment in hun huid wordt aangemaakt. Vooral met de scherpe zon van de hoogvlakte kost het hen heel veel moeite om te zien. De mensen in hun omgeving snappen er niets van. Hun vader vertelde zelfs dat sommige mensen dachten dat zijn vrouw “vreemd” was gegaan, omdat de kinderen blank zijn geboren. Toen ik hun moeder vroeg of het wel meer in de familie voorkwam, vertelde ze dat haar grootmoeder een “onecht” kind was van de hereboer, die was “gringo”, blank dus. Haydé heeft het typische gedrag van de meisjes van de “campo”, erg verlegen, zich verschuilend achter haar sjawl. Ze geeft nauwelijks antwoord als de oogarts het examen afneemt met de letterkaart. Het is niet duidelijk of ze het wel of niet ziet. De dokter schrijft voorlopig maar iets voor, vooral om haar ogen te beschermen tegen het scherpe zonlicht. Haar broertje, Ismaël, zit in groep 7. Hij is wat vrijer, maar het lukt ook hem niet om aan te geven welke letters hij wel of niet ziet. De vreemde omgeving van de stad en de oogarts doen hen volledig dicht slaan. Ze krijgen allebei een donkere bril. Of ze hem zullen gebruiken??

Een paar weken later ontmoeten we een broeder uit het dorp en hij heeft hen nog nooit met de bril gezien. Hij zal er op aandringen dat ze hem dragen. Waarschijnlijk schamen ze zich om een bril te dragen en hebben ze de gewoonte ook niet. Niemand van hun leeftijd in het dorp heeft een bril en al helemaal niet een donkere. Ze moeten over een half jaar terugkomen. Intussen proberen we hen via mensen uit hun omgeving te motiveren om toch die bril te dragen, als die mensen bij ons komen als ze in Cajamarca zijn.

Broeder Simón uit Malat, weer een ander dorp, is vorige week aangekomen om de deuren voor hun nieuwe kerk te maken, omdat hier in Cajamarca de juiste werktuigen zijn voor het houtwerk. Samen met andere broeders uit Malat, kunnen ze bij de vader van Elsy (onze hulp en rechterhand), die een timmerwerkplaats heeft, de deuren van eucalyptushout maken. Om de beurt zullen de broeders komen en Simón helpen om het houtwerk hier af te maken en het werk op het land niet te lang te laten liggen. Het zal wel een paar weken duren voordat alles af is, maar Simón gebruikt deze tijd meteen om te leren hoe met machines om te gaan. Dit jaar of het volgende wordt er electriciteit in Malat aangelegd en dan hoopt Simón een eigen timmerwerkplaats in te richten. Zijn zoons, Buster en Juan, leren in een andere werkplaats hier in Cajamarca schuren, verf mengen, meubels afwerken, enz. Over hen schreef ik de laatste keer in onze bijdrage voor het blad Z&G.

Terwijl Simón in Cajamarca werkt, moeten zijn akkers wel bijgehouden worden. Toen ik daar naar vroeg hoorde ik met verbazing dat dat helemaal geregeld was. Ze hebben in de kerk een rooster gemaakt voor het om de beurt bewerken van zijn akkers: op maandag wordt het koren gezaaid door een stel broeders en op dinsdag worden de aardappels gewied, enz. Mijn vraag/zorg was overbodig!!! We staan vooral versteld van de initiatieven die ze in de kerk van Malat aan het ontwikkelen zijn sinds ze gezamenlijk de bouw van de kerk hebben aangepakt. Vooral Simón is daarbij een sleutelfiguur. Bid alsjeblieft heel veel voor hem, want de tegenstander/vijand zit natuurlijk niet stil als het om sleutelfiguren gaat.

Over de NGO ACSICOR: Vorige week kwam er ineens een mail binnen met een geweldig bericht. Een groot project voor de rasverbetering van melkvee is door een landelijke financieringsmaatschappij geaccepteerd. Het gaat om een project waaarvan de uitvoering twee jaar zal beslaan. De begroting blijkt enigszins aan de krappe kant gemaakt te zijn, dit is meestal om meer kans te hebben op acceptatie, maar dat wringt dan later. Dus daar moet in de uitvoering rekening mee gehouden worden.

We zijn heel blij dat dit project door de “socios”(leden) van de NGO zelfstandig is gemaakt en ook door een van hen zal worden uitgevoerd. Wij zijn er wel bij betrokken, maar vooral administratief en in het monitoren. Eind februari zullen er bindende afspraken worden gemaakt tussen de betrokken partijen: de boerenorganisatie van Oxamarca, waar al eerder een project van ACSICOR is uitgevoerd over verbetering van voedsel voor het vee: hooi maken en gras inkuilen; twee gemeentebesturen; een melkfabriek en wat ondersteunende partijen zoals “onze” NGO. Voor dit hele proces willen we graag gebed vragen, want er zijn heel erg veel haken en ogen aan het uitvoeren van zo’n project. We zien de selectie van dit project uit de 49 projecten die zijn ingediend door andere organisaties én als enige NGO in het Noorden van het land, wel als een knipoog van God.

Volgende week zijn we voor een paar dagen in Lima. Het is de jaarlijkse vergadering van de Autonome Pinkstergemeenten, de Peruaanse organisatie waar we bij aangesloten zijn en die onze visa garandeert. Het is leuk om allerlei bekenden en andere zendelingen te ontmoeten en van hen te horen hoe hun situatie is. Vaak hoor je toch ook van mensen uit eenzame gebieden hun gebrek aan hulp van buitenaf. Er is veel behoefte aan structuur, onderwijs, maar ook praktische hulp bij het organiseren van belangengroepen, die als organisatie wegen kunnen zoeken door het indienen van concrete projecten.

Tot slot: de radioprogramma’s waaraan Ger, op uitnodiging, weer aan deelneemt, schijnen goed “aan te komen”: een paar minuten na de uitzending belde iemand uit het hoog- en vergelegen dorp Piobamba op, om te vertellen dat hij ontzettend blij met het programma was. Vooral omdat, volgens hem, dit de enige manier was om de jonge mensen in de dorpen te bereiken. De programma’s worden uitgezonden door een nieuwe, zeer potente radiozender, die stap voor stap óók gaat uitzenden in andere steden en dorpen in diverse departementen (samengevoegde provincies) van Perú. Een volgende stap zal zijn: uitzendingen via Internet. Als dat door zou gaan, zouden jullie de programma’s ook in Nederland kunnen beluisteren... Mocht het zover komen, dan zullen we het jullie tijdig laten weten. Graag gebed, dat mensen via deze weg tot geloof zullen komen!

woensdag 16 januari 2008

Cajamarca, 15 januari 2008

Eind oktober was de laatste vergadering in Oxamarca (zo´n zeven uur rijden vanaf Cajamarca) om dit jaar te evalueren met alle leiders van de kerken waar we mee werken. De vroege regens beginnen dan en de wegen veranderen in modderpoelen, waarna we niet meer het binnenland in kunnen.

Door die regens hadden ze in Malat haast om het dak op de kerk te zetten. In ons vorige bericht hebben we verteld van de geweldig mooie afsluiting van de eerste fase van de bouw van de kerk van Malat: een doopdienst met 4 echtparen en daarna bruiloft van deze echtparen. Veel mensen wonen samen in de campo, omdat de papieren voor een burgerlijk huwelijk niet altijd eenvoudig zijn te krijgen. Natuurlijk lukt dat wel als men er moeite voor doet, maar het is eenvoudiger om samen te gaan wonen dan dat je wacht totdat je de papieren bij elkaar hebt, met de kosten om die te krijgen, natuurlijk. Als mensen dan tot bekering komen, zijn ze zich al snel bewust dat het toch beter is om elkaar ook oficiëel trouw te beloven voor de wet. Als ze het zelf niet bedenken helpt de voorganger hen daarin wel. Ze worden alleen gedoopt als ze getrouwd zijn, dus…….. Het was een geweldig feest, dat kunnen jullie je voorstellen.

Omdat we zelf in deze tijd niet meer de “campo” ingaan vanwege de onbegaanbaarheid van de paden, dachten we dat het wat rustiger zou worden, maar niets is minder waar.Eerst waren er de inkopen voor de Kerstfeesten van de zondagscholen. Er zijn momenteel 11 zondagscholen die het Kerstfeest hebben gevierd. Ze kunnen dan in Cajamarca bij ons thuis dozen ophalen met Kerstbroden, chocoladeplakken om chocolademelk te maken en snoepgoed om kleine pakjes voor de kinderen te maken. Dit jaar hebben we er voor elk kind een mooi kleurboekje bij gedaan. In totaal hebben 500 kinderen en 515 volwassenen een mooi Kerstfeest gehad. Sommigen doen het ’s-middags, anderen ’s-avonds en dan kan het feest duren tot in de kleine uurtjes.

Nu het schooljaar afgelopen is, komt er ook weer meer werk met de kinderen van het Lilianefonds. Ze komen eerst bij ons thuis en dan bespreken we de hele procedure, daarna gaan we met hen naar het ziekenhuis in Cajamarca om de papieren voor elkaar te krijgen, die ze mee moeten nemen naar Lima. Gecompliceerde operaties moeten altijd in Lima worden gedaan. Het zijn meestal orthopedische operaties en behandelingen en die specialisatie is niet in Cajamarca aanwezig. Het neemt veel tijd in beslag, maar als een kind met een klompvoet na maanden in Lima weer terugkomt en redelijk kan lopen, geeft dat heel veel voldoening.

Naast de “Lilianekinderen” komen ook andere mensen aan de deur met de vraag om met hen mee te gaan naar een specialist in het ziekenhuis, soms ook om gewoon even bij te praten of om adviezen. Die gesprekken zijn niet “even”, de mensen hebben tijd nodig om hun verhaal te vertellen. Het is beslist geen “recht voor zijn raap”-cultuur.
Uit Malat zijn 2 jongens gekomen, die hun schoolvakantie willen gebruiken om iets te leren. Ook het uitzoeken van een leer-werkplek en waar ze moeten logeren, enz. kost veel tijd. Buster en Juan slapen nu in de zusterkerk van onze kerk en werken in een timmerwerkplaats om het timmervak te leren, zodat ze na hun middelbare schooltijd kunnen helpen in de werkplaats die hun vader wil opzetten in Malat. Drie maal per week gaan ze naar een muziekschool, want Buster wil beter leren gitaarspelen en Juan heeft een klein toetsenbord waar hij ook beter mee overweg wil leren gaan. Het is een enorme ervaring voor deze jongens uit een dorp ver in de “campo” om o.a. te leren omgaan met verkeer in de stad. Kunnen jullie je voorstellen dat de eerste keer dat Buster bij ons kwam hij vroeg of hij de computer eens mocht zien? Ze passen zich snel aan, dus deze vraag krijgen we niet meer.

Voor Ger komen veel verzoeken om een film te tonen. Hij is heel druk met het overzetten van DVD’s op VHS, want door het stof in de campo worden de DVD’s snel beschadigd. Ongeveer 1uur rijden bij ons vandaan is er een coöperatie van boeren, die in de 60-iger jaren als geheel het evangelie aanvaardde. Deze coöperatie is landelijk en internationaal gezien een toeristische trekpleister geworden. Ger wordt daar iedere keer gevraagd voor de zondagavond en maandagmorgen dienst. Afgelopen zondagavond heeft hij daar de film laten zien over de 5 zendelingen die in “de vorige eeuw” in Ecuador in een stam om het leven werden gebracht. De broer van één van die zendelingen (Elliot) heeft hier in deze coöperatie het evangelie gebracht en het was heel bijzonder voor de mensen híer, om te zien hoe een “andere” Elliot om het leven werd gebracht tijdens de prediking van het evangelie in de jungle van Ecuador. De nog levende broer, die intussen in de 80 is, woont hier nog steeds in Perú, zo´n 6 uur rijden bij ons vandaan. Hij was een paar keer bij ons in de dienst waar Ger sprak. Maar het is heel bijzonder om met zo´n “Godsman” te praten, die hier zo’n 35 gemeenten heeft gesticht!! Op maandagmorgen wordt er voor alle werkers in de coöperatie om half 7 ’s ochtends een dienst gehouden vóórdat men aan het werk gaat. Ger heeft daar al dikwijls gesproken en is nu gevraagd om ook daar onderwijs te komen geven én in kerkdiensten voor te gaan. Dit zou dan kunnen in de regentijd, want daarna gaan we weer naar “onze” gemeentes in de bergen. Zo kom je steeds onverwachte situaties en dingen tegen waar je oplossingen voor moet zoeken. Het leven hier is vol uitdagingen. Er is geen dag gelijk en het lijkt wel of de dagen steeds sneller gaan.

Met Kerst en Oud-en-Nieuw hebben we bezoek gehad van onze dochter Sanne, met haar man Marco en dochtertje Marisa uit Bolivia. Het was intussen al weer meer dan een jaar geleden dat we hen gezien hadden. Wat is het heerlijk om Kerstfeest te vieren met een paar “kinderen” thuis!

De komende tijd staan er veel verschillende activiteiten op het programma, waaronder een jaarverslag maken van het jaar 2007. Als het klaar is, kun je dat aanvragen bij Dhr. Hugo Krösschell, e-mail: h.krosschell@planet.nl.

maandag 17 december 2007

Aan: al “onze” lieve vrienden in Nederland !!

Voordat dit jaar "onzes Heren" helemaal voorbij is, hebben Froukje en ik echt de behoefte om een heel intens "dank-je-wel" naar jullie allemaal te sturen. Eigenlijk zouden we dat aan elk van onze "achterban" willen doen, maar dat is praktisch niet mogelijk... En dat alleen al is voor ons reden tot enorme dankbaarheid!

In deze periode van het jaar, maken we geen reizen meer naar de bergdorpen, vanwege de toestand waarin de wegen zich bevinden, dus zijn we meer bezig in de stad zelf én met het helpen-op-afstand met de kerst-vieringen in de kerkjes "dáár".
Afgelopen zondag heb ik bv. 3x gesproken en verder kunnen we nu ook in de stad wat meer aandacht schenken aan de kleine kerkjes aan de rand van de stad. We doen dat met het vertonen van evangelisatie-films, etc. Bid daar a.j.b. veel voor, want daar is echt verschrikkelijk veel ellende en misdaad!!

Maar de "hoofdreden" van dit schrijven is eigenlijk een heel HART-elijk DANKJEWEL tot uitdrukking proberen te brengen, voor jullie meeleven en vooral mee-bidden gedurende het nu bijna voorbij gegane jaar. Het is op papier onmogelijk om dat zó tot uitdrukking te brengen dat het ook zo overkomt als het bedoeld is. Maar we hopen en bidden dat je het a.h.w. vóelt. Het was meestal niet makkelijk en altijd weer ging het weer anders dan gepland. En ik denk dat we als Nederlanders daar nooit helemaal aan wennen.

Dus nogmaals: heel hartelijk dank voor het gegeven vertrouwen dat we jullie zendelingen mógen zijn!!!!!!!! En: we hopen dat we dat nog heel lang mogen en vooral: kúnnen doen.

We bidden dat jullie- en elk individueel- heel fijne feestdagen zullen hebben als we God danken en prijzen voor Zijn onuitsprekelijke Gave in de persoon van Zijn Zoon, die gekomen is om ons: ...."te verlossen van de zonde". Geweldig!

Góds intense Vrede bidden we je toe:
Ger, Froukje en Judith Prakken,
Cajamarca- PERU

woensdag 14 november 2007

Zending en Gemeente November

“Dit zouden de christenen in Nederland nou eens echt life mee moeten kunnen maken…..” Ik weet niet hóe vaak ik dit de laatste tijd wel heb gedacht, als we ergens waren, waar iets gebeurde, dat zó de moeite waard is om te vertellen, iets wat heel karakteristiek is voor het werk wat we doen. Eigenlijk moet ik zeggen: “wat we samen mogen doen!!”…én gedaan hebben tijdens de “droge tijd” van het afgelopen jaar. Zoals je je misschien herinnert, kunnen we met de Jeep de bergdorpjes alléén vanaf eind maart tot eind oktober bezoeken, want daarna begint de regentijd. Die is dit jaar wel erg vroeg van start gegaan, want het regent praktisch elke dag heel heftig. Maar gelukkig konden we nog zonder problemen Oxamarca bereiken, waar we elk jaar, eind oktober met alle leiders van de kerken een soort evaluatie houden over alle aktiviteiten van het afgelopen jaar. Het was een vergadering waar we met veel dankbaarheid aan terug denken: naast de bijbelstudie, die best “diep” ging, hebben we ook erg veel samen gelachen en gebeden. De tijd vloog dan ook om, maar we hadden tot onze verbazing alle agenda-punten al in het begin van de middag behandeld! Waar we allemaal heel erg blij over zijn is het feit, dat er enkele gemeenten opnieuw weer helemaal in de “running” zijn. Met name voor de gemeente in Piobamba zien we weer wat lichtpuntjes. Er zijn zelfs plannen om een nieuw kerkgebouw aan het marktplein van het dorp te zetten. Men is daarin duidelijk geïnspireerd door alles wat er in Malat gebeurt. In de vorige ZG heb ik daar al iets over geschreven, dat daar een nieuw kerkgebouw verrijst aan het dorpsplein. Als jullie dit lezen is het feest “van het dak” al geweest. Het is hier gebruikelijk dat het gevierd wordt als het dak op een gebouw komt. Ook in Nederland wordt er dan een vlag op gezet, als ik het wel heb. Froukje en ik willen daar heel erg graag bij aanwezig zijn, maar of dat kan, hangt van het weer af. In ieder geval hopen we zo snel mogelijk wat foto´s te kunnen laten zien. Ook dát dat zijn van die momenten, dat ik denk: wat zou het geweldig zijn als de mensen in Nederland dit konden meemaken….Verschillende gasten uit Nederland zijn al eens in Malat geweest, kennen daardoor de oude situatie en nú dit……. ¡ Echt geweldig!

Goed, nog vóór de vergadering in Oxamarca, hadden we een daar Jeugd weekend. Dat was ook zo’n gebeurtenis waarbij ik dacht: “Dit moesten ze eens kunnen meemaken!!” Een zonovergoten marktplaats waar heel veel mensen hun wekelijkse inkopen deden, maar waar ondertussen een christelijke folklore groep een concert gaf, met getuigenissen én openlucht-theater. Echt geweldig: zoveel mensen, die heel aandachtig stonden te luisteren….!!

Daarna vertrokken Froukje en ik naar La Quinua, een dorpje waar we nog niet eerder geweest waren. We hadden erg fijne momenten van Bijbelstudie en ‘s avonds een film in de presentatie-zaal van de school. De eerste avond stroomde de zaal vol, maar wat ik ook probeerde: ik kreeg het apparaat niet aan de “praat”. Maar de mensen bleven allemaal heel geduldig zitten en ik moest het aggregaat gewoonweg uitzetten, want anders waren ze niet naar hun huizen gegaan. Gelukkig lukte het wel om de volgende dag het apparaat aan de praat te krijgen, maar ik was een beetje bang, dat de mensen geen tweede keer (voor niets) zouden komen; maar dat was niet het geval: er waren er nog meer dan de avond daarvoor! En heel veel mensen waren diep onder de indruk na het zien van de “Jezus-film”.

Andere teamleden verzorgden ondertussen bijbelstudies in Tupac-Amaru en Malat. Wij waren eind oktober nog in Cajén, het dorpje waar ik de vorige ZG al over vertelde. Naast de studies voor de leiders, konden we tijdens de avonden heel veel nog onbekeerde mensen bereiken door middel van films. Dat is toch een geweldig middel, vooral in die dorpen waar nog geen elektriciteit is….
In dit dorp was een jong echtpaar uit Heerenveen met ons mee. Zij zoeken echt de wil van de Heer voor hun leven, met name wáár Hij hen in Perú wil inzetten. Het land is 38x zo groot als Nederland, dus ruimte genoeg. We hopen en bidden, dat er meer mensen komen met een bewogen hart voor de minst bereikten, dwz.de arme boeren in de bergdorpen, waar tot voor 7 jaren nog niemand kwam….Het is voor gezinnen met kinderen ook best wel moeilijk om dit werk te doen ( hoewel niet onmogelijk); de stad “trekt” dan wel erg sterk….Bid dus ajb.dat de Heer daarin de beslissingen duidelijk stuurt!
Froukje schreef de vorige ZG daarover nog, dat voor ons“ de jaren toch gaan tellen”, en dat is “natuurlijk”. Het ongeluk van dik 5 jaar geleden trekt nog steeds z’n sporen. Er zijn nog dorpen waarvan de leiders trouw naar de studies komen, maar waar wijzelf nog nooit geweest zijn. En dat “prikt”me. Ik wil al die nog niet-bezochte dorpen nog minstens 1x bezoeken. Dit jaar zijn dat er 2 minder geworden…..En de mensen vinden zo’n bezoek zó geweldig, dat is echt ontroerend!! De laatste keer kon ik 3 uur klimmen volhouden, maar toen was het ook echt op! Maar dank met ons de Heer, dat het kón….

Zojuist is “onze” Elsy terug gekomen van een reis naar het dorp Jelíc. Elsy werkt nu al jaren bij ons. Ze begon als “hulp-in-de-huishouding”, zodat Froukje de handen vrij had om zich totaal aan het werk in de campo te kunnen wijden. Maar Elsy heeft zich, naast “háár” taak, verbazingwekkend ontwikkeld als “zendelinge-in-eigen-land”. Ze is verantwoordelijk voor een buitenpost van de pinkstergemeente in één van de armste wijken van Cajamarca, en runt daarbij een eetzaal van “Pan de Vida” in haar kerkje. We stimuleren haar daar erg in en ze komt nu nog maar 3 dagen per week bij ons thuis om te helpen in de huishouding. Dit was mogelijk, omdat we een ander meisje “gevonden” hebben, die de andere 3 dagen bij ons werkt en die zich ondertussen klaar aan het maken is om naar de universiteit te gaan…Haar naam is: Vitalina en is 18 jaar. Zij laat haar loon bewaren om in december opnieuw te beginnen met de voorbereiding voor het toelatingsexamen van de Universiteit in Cajamarca. Ze wil graag bouwkundig ingenieur worden, voorwaar een hoge ambitie voor een meisje, wat in Piobamba is geboren. Wil iemand haar hierbij helpen en met een klein bedrag per maand haar helpen om haar droom te verwezenlijken? Laat het even per e-mail weten.

Elsy neemt steeds meer initiatieven om de bergdorpen te bezoeken en daar “kinderfeesten” te organiseren in “onze” kerkjes én onderwijs te geven aan echtparen!! Zó kwam ze net thuis om verslag uit te brengen van haar laatste reis naar Jelic:
Ze vertrok uit Cajamarca op donderdagavond om 10 uur, gezeten op de melkbussen van een melkauto. ‘t Was koud en het regende af-en-toe. Om 2 uur ´s morgens kwam ze zo aan in Sabogal, waar ze tot 4 uur moest wachten om de volgende melkauto te nemen naar Tiñalloc, waar ze om 6 uur a.m.. aankwam. Daar moest ze wachten tot 8 uur en toen kwamen de zondagschoolleiders van Jelic haar ophalen om per paard verder te reizen; dat duurde ook nog 4 uur (!) voordat ze daar arriveerde. Toen was het dus ondertussen 12 uur geworden en na het middagmaal begon Elsy met voorbereidingen voor het kinderfeest. Alle kinderen kregen een mooie “kroon” op het hoofd, die ze zelf mochten maken.
's-Avonds gaf ze “les” aan echtparen én jong-verliefde stelletjes. Dat doet ze geweldig! We hebben dat een keer meegemaakt hóe ze dat deed in Cajén: aan het eind van haar “preek” vroeg ze de mannen om hardop te herhalen, wat ze gezegd hadden toen ze het meisje vroegen om met hen te trouwen. Daarna “moesten” ze dan een roos overhandigen….. Werkelijk indrukwekkend!!! En er vallen dan heel wat traantjes…….

En zaterdagmorgen, de laatste voorbereidingen voor het kinderfeest; heel vaak de allereerste keer in de geschiedenis van zo’n dorp. En dan is het grote moment aangebroken: van heinde en ver komen de kinderen toegestroomd en vaak voor het eerst staan zíj nu eens in het centrum van de belangstelling…..Dat is zoiets geweldigs: “dat zou je eens moeten meemaken!!”
Op zondagmorgen om half 8 vertrekt Elsy, begeleid door de zondagschoolleiders dan naar Malat, dat op de route ligt waar ze om half 10 aankomen. De broeders wachten haar al op, maar ze kan daar niet lang blijven, want Elsy heeft met de zondagschoolleiding in Piobamba afgesproken om dáár ook nog een kinderfeest te houden!! Ze komt daar om 12 uur ‘s middags aan en zou graag even bijkomen, maar de kinderen staan al te wachten vanaf 10.00 uur. Ze eten samen en om 3 uur ‘s middags begint het feest en is om 5 uur afgelopen. Een schare van gelukkige kinderen achterlatend. Uit 2 dorpen: Piobamba en La Colpilla. Tussendoor zijn er veel pastorale gesprekken. Elsy gaat weer weg, dus daar kun je een heleboel min of meer vrijblijvend aan vertellen.
De melkauto vertrekt de volgende morgen om half 9 en komt ‘s avonds om 6 uur in Cajamarca aan. Gelukkig regende het niet, maar zólang ( 9 ½ uur) op een melkbus “zitten” te schommelen is geen lolletje! Ik hoop, dat dit “reisverslag” een beetje meer duidelijk maakt, wat een reis naar “de campo” inhoudt en dat het aanspoort tot GEBED!
Goed, lieve mensen: ik geef het toetsenbord nu over aan Froukje.

Froukje schrijft:
Wat is er elke keer toch veel te vertellen. Soms denk ik wel eens dat het voor de “achterban” misschien allemaal hetzelfde lijkt. Voor ons is het steeds weer nieuw, d.w.z. de ontmoetingen met de mensen zijn het belangrijkste en als je dan merkt dat er vooruitgang is in hun geestelijk en maatschappelijk leven, zijn we daar met hen blij om. Bijv. Iemand die een “echte” W.C. in zijn huis bouwt, i.p.v. de latrine buiten; of een kerk die zelf twee jongelui sponsort om eens per twee maanden een week naar een bijbelschool te gaan, óf het bericht dat een jonge man, die enige jaren aan de zijlijn stond in de gemeente, nadat hij een nogal scheve schaats had gereden, weer opnieuw de taak van zondagschoolleider is toevertrouwd. Het lijkt zo gering, maar het zijn allemaal tekenen van vooruitgang en eigen initiatief en daar zijn we voor hier: eigen mogelijkheden stimuleren en ondersteunen.
Bij het werk met de kinderen in het programma van het Lilianefonds met betrekking tot rehabilitatie is het moeilijkste punt lang niet altijd de mogelijkheden tot operatie of rehabilitatieprogramma’s, maar de betrokkenhied van de ouders. Voor de ouders van de campo is het een hele opgaaf om voor langere tijd van huis te zijn. Orthopedische operaties vergen veel tijd van herstel, dus als een kind naar Lima moet gaan voor een behandeling is dat vaak voor drie maanden of meer. Dat houdt in dat de vader (die gaat meestal, omdat de moeder nog andere kinderen thuis heeft), drie maanden niet op de akker kan werken, dus moet er iets georganiseerd worden, zodat het gezin toch brood op de plank krijgt. Dat organiseren is het grote probleem. Het is nooit geleerd en de meeste mensen weten niet waar ze zouden moeten beginnen met plannen of organiseren. Zoals jullie zien is een rehabilitatie een gecompliceerde zaak. Soms is het gelukkig ook erg eenvoudig als het gaat om een kind met soms hele slechte ogen. Ilés kon niet mee komen op school. Zijn gedrag werd steeds vervelender. Gelukkig trof hij een goed onderwijzeres, die de ouders erop attent maakte dat Ilés moeite had met het lezen op het bord. Hij kwam met zijn vader naar Cajamarca en de oogarts constateerde een afwijking van –6 bij één oog en bij het andere oog –5.5. Nu heeft Ilés een bril en zijn cijfers zijn meteen enorm omhoog gegaan.
Omdat ikzelf niet met de kinderen meekan naar Lima, heb ik een Spaanse non, die ook mediator van het Lilianefonds is, bereid gevonden om de ouders bij alle papierrompslomp te helpen. Dat is een enorme hulp, want die papierrompslomp (trámites) is bij elke handeling nodig en iemand die niet thuis is in de ziekenhuizen of kantoren van de overheid, verdwaalt in Lima. Hermana Esperanza, zoals ze heet, is 79 jaar, maar is de hele dag in de verschillende ziekenhuizen te vinden waar ze naast “mijn” Lilianekinderen, nog een heleboel mensen helpt hun weg te vinden. Onze liefde voor God in de eerste plaats en voor onze naaste daarbij, verbindt ons.
Op dit moment zijn er 3 kinderen in Lima voor behandeling. Carlos van 6 jaar voor verschillende operaties, Arlod van 3 jaar, die voor het eerst in Lima is, voor zeer gecompliceerde onderzoeken en operaties en Nicanor, die hopelijk binnenkort terug komt, nadat zijn “klompvoet” is rechtgezet. Bid ook voor Hermana Esperanza. Zij vroeg er zelf om, omdat ze toch merkt dat de jaren gaan tellen.

dinsdag 30 oktober 2007

Lieve en trouwe mede-strijders voor Perú !!

Het heeft deze keer wel erg lang moeten duren om tijd vrij te maken om jullie op de hoogte te stellen wat jullie gezamenlijk gebed heeft uitgewerkt. Allereerst ons excuus dus, dat het zo lang heeft geduurd, maar als je deze nieuwsbrief uit-gelezen hebt, zul je zeker begrijpen waaróm het niet eerder kon……

“De trouwe lezers” (zou Maarten Toonders schrijven) weten dat we elk jaar 2 jeugd-weekenden organiseren: één en Sucre en de tweede in Oxamarca. Het volgende seizoen zullen we er DV. 3 organiseren: ook één Malat, waar met man en macht aan de nieuwe kerk wordt gebouwd. Het doet de christenen dáár, zó ontzettend goed om zo met elkaar bezig te zijn! Enkele weken geleden zijn Carlos (onze monteur) en ik daar enkele dagen geweest, om allerlei laswerk te verrichten. In Malat is nl.geen electriciteit, dus moesten we er met een knots van een agregaat naar toe, om te kunnen lassen. Het agregaat, dat ik altijd gebruik om films te tonen, en dat dus veel “lichter” is dan het las-aggregaat, konden we nu gebruiken om ondertussen de boormachine aan de gang te houden. Die dag was er juist markt op het dorps-“plein”, waar de kerk gebouwd wordt en van heinde en ver kwamen de mensen daarheen om dit “schouwspel” te bezien. Wat weer enorm veel kansen opleverde om mensen uit te nodigen het evangelie te komen beluisteren….Heel veel mensen dachten dat er diezelfde avond al een film gedraaid zou worden, omdat ze de Jeep met de aankomst van de filmuitrusting associeren.
Goed,even terugkomen op het jeugdweekend in Oxamarca: we waren met zó’n kleine 40 jongeren, vooral uit de bergdorpen. En naast de erg fijne samenkomsten, werd er tijdens de markt op ht dorpsplein een openlucht-concert door een folklore-groep gegeven, afgewisseld met openlucht-theater én getuigenissen. Het zag “bruin” van de mensen: er was zelfs een grote groep mensen, die vanaf het dak van het gemeentehuis zat te kijken, resp. luisteren.
Direct daarna zijn Froukje en ik per paard naar la Quinua vertrokken om daar aan de leiders van diverse kerken onderwijs te geven en ‘s avonds in de presentatie-zaal van de school films te vertonen. Voor heel veel mensen was dit de eerste keer van hun leven dat ze een film zagen. De zaal was dus afgeladen vol !! Zóveel hadden er nooit in het kerkje gekund…..
Na de studie- en evangelisatie-dagen moesten we snel weer terug naar Oxamarca, waar we een seminar voor zondagschoolleiders hadden georganiseerd. Dat was voornamelijk om de leiders voor te bereiden voor de kerstviering én hen naast ideeën van materialen te voorzien. Het was werkelijk enorm om hen bezig te zien.
Op zaterdagmiddag werd er een kinderfeest in de kerk georganiseerd, met als slotstuk een film, exclusief voor de kinderen. Er waren ook nogal wat tieners, en bij de oproep om mee te gaan werken in het kinderwerk, gaven zich een 10-tal daarvoor op. Bid voor deze jonge mensen, dat ze daarin zullen volharden én zij zélf de Heer beter zullen leren kennen.

Ondertussen was het de hoogste tijd om weer naar huis te gaan, waar Judith tijdens onze afwezigheid de zaken behartigd had. Steeds meer mensen uit de campo, met lichamelijke klachten kloppen bij ons aan, omdat ze de weg niet weten waar ze moeten zijn om geholpen te worden. En verder steeds meer kinderen, die hulp krijgen via het Liliane-fonds. Froukje is daar “mediadora” van en het is dikwijls enorm ontroerend om te zien hóe kinderen geholpen zijn, door operaties en hulpmiddelen, die wel in de stad voorhanden zijn, maar nooit de “campo” bereiken. Het kost Froukje enorm veel tijd en moeite, maar het is zó enorm die moeite waard, omdat zich zo weinig mensen om deze kinderen “druk maken”.

Elsy, die nu al jaren bij ons werkt, kreeg het plan om een kinderfeest te organiseren in Cajén ,een dorpje zo’n 4 uur rijden bij ons vandaan. Sinds kort is dat met onze Jeep te bereiken. Elsy heeft zich de laatste jaren enorm positief ontwikkeld, zowel in haar “buitenpost” met elke dag een ontbijt voor 63 kinderen in een een wijk met een enorme nood, als in het brengen van het evangelie aan de kinderen in de campo. Ze neemt dan één van de teeners uit “haar eigen buitenpost” mee, die haar daarbij helpt én zó zélf een bediening ontwikkelen kan. Zo gaf ze ‘s avonds en schitterende bijbelstudie voor echtparen en de dag daarop, samen met de zondagschoolleider van Cajén een (soms letterlijk) knallend feest voor de kinderen. ¡Wat hebben die kinderen genoten! En niet alleen zij, maar iedereen: groten en kleinen samen.

Tot slot: (op dit moment) gisteren zijn we net terug gekomen van de slot-samenkomst met alle leiders van zowel het distict Oxamarca als Sucre. Dat doen we elk jaar aan het begin én einde van ons “werkseizoen”. Het seizoen loopt van april tot october. In april stellen we het programma samen en in october hebben we een evaluatie en kan iedereen eventuele wensen voor het volgende jaar kenbaar maken. Dit jaar is de regentijd wel erg vroeg begonnen. Momenteel hebben we bezoek van een jong echtpaar uit Heerenveen, dat de wil van de Heer voor hun leven zoekt, maw. wáár Hij hen gebruiken wil in Perú ( !!!! ). Ze zijn de afgelopen dagen op diverse plaatsen geweest, met heel verschillende vormen van werk. Zo hebben ze kunnen zien wat het resultaat is van bepaalde vormen van het werk van de NGO in de bergdorpen; we hebben een lang gesprek gehad met de burgemeester van Sucre (een oude bekende van ons), en daarna hebben we een heel nuttig gesprek gehad met een overkoepelende organisatie van diverse hulpinstellingen in Celendín. Persoonlijk vond ik dat heel erg indrukwekkend; vooral om te zien én horen hoe mensen die (nog) geen christenen zijn zich totaal geven om de minst-bedeelden in de campo een waardiger bestaan te kunnen geven….Bid ajb. mee, dat deze gesprekken vrucht zullen afwerpen. Oók dat deze jongen mensen, die nu bij ons op bezoek zijn, en daarna nog naar 2 andere plaatsen op onderzoek zullen uitgaan, duidelijk de stem van de Heer-van-de-oogst zullen verstaan.

Bid ook voor ons, in een tijd dat het werk zo´n enorme vlucht neemt, dat de Heer ons beschermt voor dingen die niet door Hem “gezonden” zijn. Bid ook voor Judith, dat ze op díe plaats “terecht” zal komen, die Hij voor haar bestemd heeft !!

Heel hartelijk bedankt voor jullie “warm” mee-leven èn mee-bidden.
Tot het volgende nieuws:
Jullie Ger en Froukje.